Archief van de juli, 2009

Jul 31 2009

Actuele status testvliegprogramma JSF

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Ontwikkeling JSF

Den Haag – De regering Obama heeft deze week een nader onderzoek gelast naar de beweringen in het stil gehouden rapport uit september 2008 van het Joint Estimate Team waarin staat dat het testvliegen twee jaar langer zal duren, tot 2016 en dat de test- en evaluatiefase op zijn vroegst in 2015 kan beginnen. Het JSF Program Office projectbureau en Lockheed Martin ontkennen dit ten stelligste. Een overzicht van de beschikbare testtoestellen helpt om inzicht te krijgen in de realiteit.

In Aviation Week van 21 juli 2009 (“Where 180-some F22s started” door Bill Sweetman) was een kort overzicht te lezen van de oorspronkelijke planning in het JSF project, zoals ruim 7 jaar geleden gehanteerd. Bill Sweetman schreef:
- De definitieve F-35A CTOL luchtmacht versie zou al drie jaren hebben gevlogen
- Nu wachten we nog op de eerste vlucht van het prototype AF1.
- De F-35B STOVL versie zal al meer dan drie jaar hebben gevlogen.
- De Block 1 vliegtesten en evaluatie zouden eerder dit jaar zijn afgerond
- De Block 2 testen zouden begin 2009 zijn begonnen
- Over 50 aanloopproductie (LRIP) toestellen zouden zijn afgeleverd, waarvan
- 10 LRIP-1 toestellen reeds in 2008
- 22 LRIP-2 toestellen begin 2009
- 54 LRIP-3 toestellen begin 2010

De realiteit laat op dit moment een ander beeld zien. Er is circa drie jaar achterstand opgelopen de afgelopen 7,5 jaar.

Realisatie testplanning

In de sinds 2008 geldende (inmiddels zesde) versie van de SDD fase (ontwikkelingsfase) wordt uitgegaan van 4991 testvluchten.
Hier een overzicht van de testvluchten per fiscaal jaar (1 oktober tot 30 september)
FY 2007: planning 27, realisatie 19
FY 2008: planning 97, realisatie 49
FY 2009: planning 317, realisatie 36 (= 11% na 10 van de 12 maanden)
FY 2010: planning 1243
FY 2011: planning 1425
FY 2012: planning 1299
FY 2013: planning 593
Totaal planning 4991, realisatie 104 vluchten (= 2,1% voltooid )

Bezuiniging door vermindering van testvluchten

Overigens wordt het aantal testvluchten steeds verder verminderd. Inmiddels is om financiële redenen al een aantal van 2.000 testvluchten geschrapt, iets waar zowel de Amerikaanse Rekenkamer (US-GAO) als het Joint Estimate Team binnen het Pentagon ernstig bezwaar tegen maken. Hier een overzicht van hoe het aantal testvluchten steeds verder wordt beperkt:
Oktober 2005: 6991 vluchten
November 2006: 6172 vluchten
August 2007: 5997 vluchten
November 2007: 5147 vluchten
November 2008: 4991 vluchten

Laatste planning januari 2009

Onderstaande afbeelding geeft de planning weer zoals deze door het JSF Program Office werd gehanteerd in januari van 2009. Deze planning is de zestiende versie van het schema voor “eerste vluchten en roll-outs”. Er is aangegeven welke van de gebeurtenissen in dit schema wel en niet zijn gehaald. Onder de afbeelding geven we per prototype een korte toelichting.

Realisatie en afwijkingen JSF planning 2009

Pre-prototype AA-1: 87 vluchten

Overzicht testvluchten eerste (niet productie representatieve) prototype AA-1
Okt-05: oorspronkelijke planning eerste vlucht
Aug-06: later aangepaste planning eerste vlucht
Dec-06: eerste vlucht (15-12-2006)
In 2007 totaal 23 vluchten, door ernstige motorproblemen en problemen met de electro-hydraulic actuators zeven maanden stilstand.
In 2008 totaal 46 vluchten, maar vier keer minimaal zeven weken aan de grond vanwege diverse problemen (motor, thermisch management)
In 2009 zijn in zeven maanden 18 vluchten voltooid.
Planning testvluchten : 8-10 vluchten per maand
Realisatie testvluchten: minder dan 3 per maand gemiddeld

Prototype BF-1: 14 vluchten

Het tweede prototype is een F-35B STOVL type, de BF-1. Deze vloog voor het eerst op 11 juni 2008, maar deze staat na 14 vluchten sinds september 2008 al bijna een jaar aan de grond. Op dit moment worden opnieuw voorbereidingen getroffen voor proefvluchten met verticaal landen en dergelijke.
Totaal aantal vluchten: 14
Testvluchten in 2009: 0
Planning testvluchten : 8-10 vluchten per maand
Realisatie testvluchten: minder dan 1 per maand gemiddeld
Hover pit testing als voorbereiding voor verticale landen dit voorjaar afgebroken vanwege problemen en sindsdien nog niet hervat. Testachterstand 18 maanden.

Prototype BF-2: 3 vluchten

Zou al eind 2008 vliegen. Na de eerste vlucht op 25 februari 2009, juist rond het bezoek van onze Tweede Kamer delegatie in Fort Worth vanwege op te lossen technische problemen
niet meer gesignaleerd in het luchtruim rond Fort Worth tot 13 juli. Daarna is nog een derde vlucht gemaakt. Achterstand inmiddels circa 9 maanden.

Prototype AF-1 (voor Nederland belangrijk)

Prototype van de F-35A versie voor het testen van het airframe, bediening en de aerodynamica. Dit is het eerste productie representatieve prototype dat structureel gelijk moet zijn aan de door Nederland aan te schaffen F-35A, waarvan de eerste productietoestellen begin 2010 operationeel aan de US Air Force op Eglin AFB geleverd moeten worden. Iets waarvan Lockheed en het JPO volhouden dat alles “on schedule” is.
Langdurig was het de bedoeling dat het toestel begin 2009 zou vliegen. De laatste planning van het JPO vermeldde mei 2009. Deze vlucht heeft nog niet plaats gevonden.

Prototype AF-2

Prototype van de F-35A versie voor het testen van het airframe, bediening en de aerodynamica. Begin dit jaar zou volgens het JSF Program Office (JPO) de roll-out plaatsvinden in februari 2009 en de eerste vlucht in augustus 2009. Er wordt nog gewacht op de roll-out.

Prototype AF-3, eerste F-35A toestel met missiesystemen

Dit is een uiterst belangrijk toestel, de eerste F-35A met alle missiesystemen aan boord. Het testen hiervan is essentieel voor het tijdig voorbereiden van operationeel gebruik.
Vorig najaar was de verwachting nog dat dit toestel in mei of juni 2009 zou vliegen. Begin dit jaar zou volgens het JSF Program Office (JPO) de roll-out plaatsvinden in maart 2009 en de eerste vlucht in juni 2009. Er wordt nog gewacht op de roll-out. Lockheed Martin had gepland dat het testen zou zijn afgerond begin 2013, noodzakelijk om aan de Operationele Test en Evaluatiefase (waar Nederland ook een toestel voor heeft aangeschaft) te kunnen beginnen. Inmiddels is er dus nu al vier tot vijf maanden vertraging voor dit toestel. Maar inmiddels heeft het Joint Estimate Team gerapporteerd dat zij van mening zijn dat het testen van de missiesystemen (met onder andere de AF-3) pas in oktober 2015 zal worden afgerond.

Prototype AF-4 en AF-5

Deze zijn in afbouwfase en zullen nu naar verwachting eind 2009 of begin 2010 beschikbaar komen voor het testprogramma.

Prototype BF-3 en BF-4

Dit zijn prototypes van de F-35B STOVL versie (korte start, verticale landing) voor de US Marines. De planning van het JPO na september 2008 ging uit van een eerste vlucht in respectievelijk mei 2009 en april 2009. De roll-out vond plaats, de eerste vluchten zijn vertraagd. Met name de BF-4 is belangrijk, het is de eerste F-35B met alle missiesystemen aan boord. Het testen hiervan is essentieel voor het tijdig voorbereiden van operationeel gebruik.

Prototypes F-35C versie

Van de CF-1 t/m CF-3 zou volgens de planning van herfst 2008 de roll-out plaatsvinden tussen april en juni 2009. De eerste vlucht zou vervolgens plaatsvinden in oktober en november 2009. De roll-out ceremonie van de CF-1 vond plaats op 28 juli 2009, drie maanden later dan een half jaar geleden nog gedacht.
Inmiddels zijn er berichten over een eerste vlucht van de CF-1 pas eind 2009 of zelfs in het begin van 2010.

Lockheed : pas eind 2010 duidelijkheid

Lockheed Martin topman Crowley zei naar aanleiding van de ontstane commotie deze week over de Joint Estimate Rapportage inzake de vetragingen en gestegen kosten: “It’s like giving up before you even have a chance to demonstrate what you can do. Lockheed will not be able to offer a reliable estimate for the flight-test phase until its surpasses the 10% mark at the end of next year, he adds.” Kortom Lockheed’s Crowley meent dat en nog niet een enkele kans is geweest om te demonstreren wat de JSF kan en dat pas eind 2010 duidelijkheid gegeven kan worden. De realiteit laat zien de er sinds 2006 vele kansen zijn geweest en dat om onduidelijke redenen de duidelijkheid uitblijft.

JSFNIEUWS090731-JG/jg

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Jul 31 2009

Eerste roll out F-35C prototype voor US Navy

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Ontwikkeling JSF

FORT WORTH, Texas (USA) – Op 28 juli vond de roll out ceremonie plaats van de eerste Joint Strike Fighter F-35C, de versie voor de U.S. Navy. Dit toestel is geschikt om vanaf vliegdekschepen te starten en moet zorgen dat de U.S. Navy over stealth vliegtuigen zal beschikken vanaf 2015.

De top van De U.S.Navy en een groot aantal personeelsleden en militairen en veteranen van de U.S. Navy woonden de roll out ceremonie bij. Admiraal Gary Roughead, de Chief of Naval Operations van de U.S. Navy, hield een toespraak ter verwelkoming van de F-35C. “De Joint Stike Fighter zal de hele wereld tonen dat onze zeevarenden nergens een gevecht op basis van gelijkheid zullen voeren, omdat dit vliegtuig ze superieur zal maken aan alles wat op hun weg komt,” zei Admiraal Roughead, “Het zal onze zeevarenden en vliegers een tactische en een technische voorsprong geven in de lucht, en het zal de druk verminderen van onze verouderende vloot van gevechtsvliegtuigen.” Maar, konden de aanwezigen vernemen, Admiraal Roughead voegde hier op besliste toon aan toe: “Maar ze moeten - ze moeten absoluut - op tijd en binnen budget geleverd worden“. Als reden gaf hij de snelle veroudering aan van de huidige F/A-18 Hornets vanwege de intensieve operationele inzet.

Lockheed Martin trots en vereerd

Tom Burbage, zelf een voormalige US Navy testvlieger en momenteel de Vice President en algemeen manager van het F-35 Programma voor Lockheed Martin, dankte de top van de US Navy voor hun volledige betrokkenheid bij de ontwikkeling van de F-35 en “hun actieve inzet om te komen tot gezamenlijke tactieken voor alle strijdmachtonderdelen en coalitiepartners die dit platform zullen gebruiken op een manier die we ons eerder nooit konden voorstellen. Wij bij Lockheed Martin zijn zowel trots als vereerd door het vertrouwen dat de U.S. Navy in ons heeft om de ontwikkeling en introductie te mogen leiden van de nieuwste, stealthy, supersonische aanvalsjager voor de US Navy.”

Planning eerste vlucht

De eerste F-35C, bekend als de CF-1, zal een uitgebreide serie grondtests doorlopen alvorens de lucht in te gaan voor zijn eerste vlucht, die momenteel gepland staat voor eind 2009. De CF-1 is het negende F-35 test toestel waarvoor de “rollout” heeft plaats gehad en wordt toegevoegd aan de al eerder geleverde vloot van F-35 toestellen voor zowel vliegtests als grondtests, die inmiddels sinds december 2006 ruim 100 vluchten hebben gemaakt.
In het oorspronkelijk contract was sprake van de eerste vlucht eind 2006, later vanwege de herontwerp activiteiten door de gewichtsproblematiek uitgesteld naar eind 2008. Door diverse omstandigheden is dit opnieuw een jaar vertraagd. Toch benadrukt Lockheed Martin dat de F-35C “is on schedule to meet the Navy’s Initial Operational Capability in 2015, and represents a leap in technology and capability over existing fighters, combining stealth with supersonic speed and high agility. The Lightning II employs the most powerful and comprehensive sensor package ever incorporated into a fighter. The F-35C possesses uncompromised carrier suitability and low-maintenance stealth materials designed for long-term durability in the carrier environment. The Lightning II’s operational and support costs are forecast to be lower than those of the fighters it will replace.

Bron: Persbericht Lockheed Martin 28 juli 2009

JSFNIEUWS090730-KR/jg

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Jul 29 2009

Regering Obama draagt onderzoek op naar Pentagon JSF rapport

Williamsburg, VA (USA) – Achter de publiciteit in het Congress Quarterly Politics van 23 juli 2009 inzake het interne rapport van het Joint Estimate Team van het Pentagon over de problemen in het F-35 Joint Strike Fighter project versus de optimistische geluiden van Lockheed Martin en het JSF Program Office schuilt meer dan alleen herhaling van “oud nieuws”, zoals nu blijkt. De regering Obama heeft een nieuw onderzoek omtrent de juistheid van de gegevens uit het rapport gelast.

Het Joint Estimate Team (JET) is in 2008 binnen het Pentagon samengesteld om op onafhankelijke wijze een evaluatie van het F-35 programma uit te voeren, en verschilt nogal van inzicht met de officials van het JSF Joint Program Office, waar de informatie voor ons ministerie van defensie en de Tweede Kamer vandaan komt. Toen de Amerikaanse Rekenkamer hier in maart 2009 uitgebreid aandacht besteedde aan de bevindingen van het JET en waarschuwde voor de gevolgen, was hier nauwelijks aandacht voor. Hier lijkt nu veranderingen in te komen.

Verschil tussen JET en JPO over JSF

Het Joint Estimate Team heeft in een rapport vastgesteld dat het onmogelijk is dat de ontwikkelingsfase in 2014 wordt afgerond en dat dit waarschijnlijk 2 jaar later wordt. Dit houdt in dat een zogeheten “full rate production” niet eerder dan in 2016 kan starten, mits er geen verdere technische problemen optreden. De vertraging zal circa US$ 7,4 miljard extra ontwikkelingsbudget vergen. Tevens worden tal van andere problemen opgesomd naar nu blijkt.
John R. Kent, de F-35 perswoordvoerder van Lockheed Martin ontkende naar aanleiding van de publiciteit in de Congress Quarterly Politics van 23 juli jongstleden desgevraagd de problemen en zei dat ongeacht de bevindingen van het Joint Estimate team, er geen wijzigingen zijn in het officiële F-35 productieschema.. En Cheryl Limrick, woordvoerster van het JSF Program Office, zei dat: “de JET analyse is gebaseerd op resultaten uit het verleden van vorige generatie toestellen en houdt onvoldoende rekening met het pro-actieve karakter van het F-35 projectmanagement.” Het zou oud nieuws zijn.

Meer aan de hand: opdracht tot nader onderzoek

Vandaag meldt het doorgaans goed ingelichte Inside Defense dat de Obama regering een aanvullend onderzoek heeft gelast naar het Joint Strike Fighter programma door een iets gewijzigd aangevuld Joint Estimate Team. Doel is om voorafgaand aan de vaststelling van het budget voor fiscaal jaar 2011 (FY2011), dus begin 2010, duidelijkheid te hebben over de verschillen tussen het vorige JET rapport (herfst 2008) en de opvattingen van het JSF Program Office.
In een eerder niet bekend geworden memo van 10 juli jongstleden, draagt Staatssecretaris van Defensie William Lynn het JSF Joint Estimate Team op het JSF project te onderzoeken en vast te stellen of dit grootste Amerikaanse militaire project ooit, werkelijk aanzienlijk meer geld en tijd nodig heeft dan tot nu toe verondersteld.
De bevindingen zullen nadrukkelijk gelegd worden naast de budgetten en plannen, zoals gepresenteerd door het JSF Program Office, dat verantwoordelijk is voor de JSF ontwikkeling. Wanneer de uitkomsten verschillen, zoals in 2008 het geval was, dan zullen er politiek moeilijke besluiten nodig zijn om geld te vinden voor voortzetting van de JSF of inkrimping van het aantal aan te schaffen toestellen.

Rapport kostenstijging in 2008 geheim gehouden

Binnen het JSF Program Office, het Pentagon en Lockheed Martin is al sinds 16 september 2008 dit rapport van de door het Pentagon zelf ingestelde Joint Estimate Team (JET) bekend waaruit blijkt dat de komende zes jaar liefst US$ 15 miljard extra nodig zijn om de ontwikkeling en aanloopproductie van de JSF te bekostigen. Tevens dreigt de ontwikkeling niet één, maar twee jaar uit te lopen.
Gelet op de cruciale fase van de beslissingsprocessen in onder andere Noorwegen en Nederland is nadrukkelijk besloten door Pentagon topmensen (en ex-Lockheed werknemers) John Young en Gordon England deze informatie niet publiek te maken. Dankzij een informant heeft de doorgaans zeer goed geïnformeerde “Inside The Airforce” beslag weten te leggen op het rapport en de gegevens in november 2008 naar buiten gebracht. Zie hierover mijn uitgebreide artikel op JSFNieuws van 29 november 2008 “Pentagon houdt negatief JSF rapport bewust achter”. Het artikel heeft nog niets aan actualiteit ingeboet.
De vertrekkende Sue Payton (Air Force Acquisition Executive) deed op 7 april jongstleden – de dag van haar vertrek – nadrukkelijk de aanbeveling een onderzoek in te stelling naar de financiële status van de JSF. En zij was goed op de hoogte van de realiteit achter de schermen.

Meer gegevens bekend uit het 2008 rapport

De website InsideDefense.com meld took recent een 18 bladzijden tellende kopie te hebben verworven van het rapport dat op 9 september 2008 door de Pentagon leiders is achtergehouden. Dit rapport meldt dat het JSF project een miljoen regels extra softwarecode nodig heeft ter aanvulling op reeds ontworpen softwaremodules. Tevens zal het niet mogelijk zijn om de engineering afdelingen bij fabrikant Lockheed Martin tussen FY-2010 en FY-2013 te reduceren van 4.100 naar 1.000 personeelsleden, omdat zo staat er letterlijk “F-35 testing is just beginning to provide performance information in this time.“. Het aanhouden van drieduizend hoogopgeleide werknemers gedurende 3 tot 4 jaar kost echter veel extra geld.
Het JSF Joint Estimate Team stelde ook vast dat de verwervingskosten hoger zouden uitvallen dan het JSF Program Office tot dan beweerde, mede omdat de “commonality of manufacturing and assembly of the three variants is largely lost” Het JSF Joint Estimate Team denkt dat de door Lockheed Martin geclaimde 82 procent voordeel door de “commonality” nog hooguit op 25 procent uitkomt. Tevens wordt de vinger gelegd bij het verschuiven van kosten uit de directe sfeer naar de indirecte sfeer. Zo blijft de aanschafprijs per stuk voor het oog laag, maar stijgen de totale projectkosten. Bij de aanloopproductie (LRIP-series) mogen deze extra (indirecte) kosten vervolgens op de kopende partij verhaald worden met alle budgettaire risico’s van dien voor de koper.

Schoon schip maken

De nieuwe verantwoordelijke bewindspersoon uit de Obama regering is Bill Lynn. Door het JSF Joint Estimate Team opnieuw opdracht te geven het rapport van 2008, door de toenmalige bewindslieden Mr. England en Mr. Young genegeerd, te herzien en in een nieuw jasje te gieten kan hij starten met schoon schip te maken in dit project. Bill Lynn laat de buitenwacht zien de voorgangers niet blindelings te volgen. Komt het JSF Joint Estimate Team met dezelfde conclusies als in 2008, dan is er weliswaar een compleet jaar verloren gegaan, maar kan de nieuwe bewindsman starten met een herstructurering en een ter verantwoording roepen van de verantwoordelijken binnen het JSF Program Office. Alle toenmalige verantwoordelijken (Young, England en JPO hoofd Davis) hebben inmiddels andere banen, dus kan ieder roepen “mijn voorganger was verantwoordelijk”.

Bron:
Inside Defense; 27-jul-2009; “Obama Administration Directs Update of JSF JET Estimate”

CQ Politics; 23-jul-2009; “Report: F-35 work falls behind two more years

JSFNieuws; 29-nov-2008; “Pentagon houdt negatief JSF rapport bewust achter

JSFNIEUWS090728-GK/jg

3 reacties op dit bericht...

Jul 28 2009

Schrappen F136 motor slag voor onze JSF Business Case

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Ontwikkeling JSF

Den Haag - De jarenlange strijd om de alternatieve motor voor de Joint Strike Fighter lijkt spoedig tot een climax te komen. Al vier jaar lang probeert het Pentagon, tegen de zin van het Congres, de financiering te schrappen. Dit jaar lijken de pogingen succes te hebben. De gevolgen voor de JSF omzetkansen in de Europese luchtvaartindustrie, in het bijzonder in Nederland, zullen bij het schrappen van de F136 groot zijn.

De alternatieve “Europese” motor voor de JSF ligt al jaren onder vuur van het Pentagon. Drie achtereenvolgende jaren – 2006, 2007 en 2008 – werd het budget geschrapt. Even zo vaak werd het budget hersteld door het Amerikaanse Congres.
Toen het Amerikaanse Ministerie van Defensie dit voorjaar voor de vierde achtereenvolgende jaar een streep haalde door het budget, was dit nauwelijks verrassend nieuws. Toen de Senaat vervolgens eind mei voorstelde alsnog US$ 600 miljoen budget toe te kennen was dit evenmin verrassend. Spannender werd het toen minister van defensie Robert Gates meldde dat president Obama over dit voorstel een veto zou uitspreken, indien aangenomen.

Senaat stemt nu ook tegen F136

Vorige week kwam het tot stemming in de Senaat. En de Senatoren kozen eieren voor hun geld, het voorstel om geld voor de verdere ontwikkeling van de General Electric/Rolls Royce F136 motor beschikbaar te stellen werd weggestemd. Opnieuw een overwinning voor de regering, die enkele dagen eerder een voorstel om definitief de productie van de F-22 Raptor te stoppen veilig door de Senaat loodste. Dit levert een besparing van US$ 1,75 miljard op. Een voorstel dat gunstig lijkt uit te pakken voor de JSF, die als enige in productie zijnde straaljager overblijft voor de US Air Force. De enige kans voor de financiering van de F136 motor ligt nu bij het Huis van Afgevaardigden. Wanneer echter ook hier de financieringsvoorstellen weggestemd worden, dan ziet het er slecht uit voor de F136 motor. Deze zal dan te maken krijgen met een bevriezing van de ontwikkelingsbudgetten, juist op het moment dat de ontwikkeling in een eindstadium is gekomen.
De beschikbaarheid van een alternatieve motor is bij grote productie aantallen besparend vanwege de competitie. Maar bij een geringer aantal af te nemen toestellen voor de Amerikaanse strijdkrachten, zoals verwacht moet worden gelet op de krimpende budgetten, de nieuwe prioriteiten en stijgende stuksprijs, is het minder voor de hand liggend om twee motoren beschikbaar te hebben.

Over de F136 motor

De F136 motor wordt geproduceerd door het Fighter Engine Team, een samenwerkingsverband tussen GE en Rolls-Royce, twee toonaangevende producenten van vliegtuigmotoren. GE - Aviation, dat verantwoordelijk is voor 60 procent van het F136 programma, ontwikkelt de hoofdcompressor en de gekoppelde hoge druk/lage druk componenten van het turbinesysteem, de controlesystemen en de naverbrander. Rolls-Royce, dat 40 procent van het F136 programma uitvoert, is verantwoordelijk voor de voorste fan, de combustor, de tweede en derde stage van de lage druk turbine en de versnellingsbakken.
De internationale partnerlanden leveren ook een bijdrage aan de F136 door hun betrokkenheid in de ontwikkeling van de motor en de productie van componenten. De F136 is met een enkele configuratie geschikt voor alle drie de versies van de JSF: de STOVL voor de Amerikaanse en Britse marine, de Carrier Variant (CV) voor de Amerikaanse marine en de CTOL, die door de Amerikaanse en wellicht ook de Nederlandse luchtmacht zal worden aangeschaft. Dankzij de toepassing van best practices en verbeterde technologie zal de F136 ruimschoots voldoen aan de eisen voor onderhoudsvriendelijkheid, betaalbaarheid en betrouwbaarheid voor alle F-35 varianten. De motor verbetert bovendien de samenwerking tussen het Amerikaanse leger en zijn internationale partners in gezamenlijke missies.

F136 projectverloop succesvol

Bij het F136 programma, dat uitgevoerd wordt in het complex van GE Aviation in Ohio en
de Rolls-Royce vestigingen in Indianapolis en Bristol, zijn zo’n 900 engineers en technici betrokken. Het programma loopt sinds de start vrijwel op schema en binnen budget hetgeen vrij uniek is voor een militair ontwikkelingsprogramma. Het GE Rolls-Royce Fighter Engine Team heeft daarvoor van het JSF Program Office al tal van uitstekende beoordelingen gekregen.
Het F136 programma heeft nu ruim 800 testuren achter de rug in zowel de pre-SDD
als de SDD-fase, die tot in 2013 doorloopt. De Critical Design Review werd in 2008 afgerond, waarna vele tests plaatsvonden op de nieuwe testfaciliteit in Peebles (Ohio) en een volledige naverbrander test op het Arnold Engineering Development Center (AEDC) van de Amerikaanse Luchtmacht. De eerste tests met de complete F136 motor werden begin van dit jaar succesvol uitgevoerd. Begin 2010 zullen er diverse, andere F136 motoren bij het testprogramma betrokken zijn. De eerste testvluchten van een JSF met een F136 staan voor begin 2011 gepland, licht achter op schema. Afhankelijk van de verdere budgetaire ontwikkelingen in de Verenigde Staten, zouden de eerste F136 motoren voor de F-35 Lightning II in 2013 kunnen worden geleverd.

Nederlandse betrokkenheid F136 veel groter dan voor F135

Aanzienlijk meer dan de Pratt & Whitney F135 motor is de General Electric/Rolls Royce F136 motor van belang voor de Nederlandse luchtvaartcluster. Het schrappen van deze motor is een aanzienlijke tegenvaller voor de Nederlandse JSF business case. Directe actie vanuit de NIFARP en het Ministerie van Economische Zaken, in samenwerking met onder andere de Britse regering lijkt voor de hand te liggen. In het ontwikkelingsstadium werden vanuit Pratt & Whitney slechts een beperkt aantal kleine ontwikkelorders gegund aan de Nederlandse industrie. En ondanks dat de eerste Nederlandse F-35 uitgerust zal worden met een P&W F135 motor, zijn er voor de voorproductiefase (LRIP) tot en met 2008 nul komma nul order geplaatst in Nederland vanuit Pratt & Whitney.
Voor de F136 ligt dit totaal anders. Want in Nederland zijn Atkins Nedtech, DutchAero, het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR), Sulzer-Eldim en de TU Delft intensief betrokken bij de ontwikkeling van de F136. Uiterst innovatief onderdeel van de F136 is de zogenaamde “Dutch fancase”, die zijn naam dankt aan de grote betrokkenheid van de Nederlandse bedrijven Atkins Nedtech en DutchAero bij het ontwerp en de productie van het component. Kortom schrappen van de F136 motor is een slag voor deze Nederlandse bedrijven. Met spanning wordt binnen de industrie afgewacht wat het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden zal besluiten.

Bronnen en achtergrond:
Informatie F136 motor en Fighter Engine Team

Flight International; 23-jul-2009; Stephen Trimble “US Senate axes F-35 alternate engine

JSFNieuws; 25-jul-2009; “Studie GE/RR naar onderhoud Nederlandse JSF

JSFNIEUWS090728-JG.TS/jg

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Jul 25 2009

Studie General Electric /RR naar onderhoud Nederlandse JSF

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Ontwikkeling JSF

Arnhem - Het General Electric Rolls-Royce Fighter Engine Team, dat de alternatieve motor voor de JSF ontwikkelt, heeft recent een rapport met aanbevelingen over assemblage, onderhoud, reparatie en upgrades van F136 motoren in Nederland afgerond.

Het rapport over de mogelijkheden voor onderhoud van de F-35 Lightning II, kortweg JSF, werd opgesteld op verzoek van het Joint Strike Fighter Program Office en de Nederlandse regering. Het rapport van het Fighter Engine Team geeft informatie en aanbevelingen voor de ontwikkeling van een zogenaamd Assembly and Check Out centrum voor de assemblage van de geleverde motoren. Daarnaast worden er suggesties gedaan voor onderhoud en reparatie aan de motoren van de geplande 85 Nederlandse JSF-toestellen en wellicht ook die van andere, Europese landen, die JSF’s aanschaffen.
Het Joint Strike Fighter programma heeft de deelnemende landen geadviseerd de motoren van de JSF te onderhouden volgens een Performance-Based Logistics (PBL) contract, waarin militaire klanten garanties krijgen over de beschikbaarheid van operationeel inzetbare motoren volgens van te voren in overleg met de luchtmacht overeengekomen servicelevels. Normaliter worden er contracten afgesloten op basis van benodigde tijd en materiaal voor onderhoud en reparatie.

General Electric en Rolls Royce actief in Nederland

In het onderzoek naar het onderhoud van de F136 voor de JSF wordt ook ingegaan op de langdurige ervaring van de beide bouwers van vliegtuigmotoren GE en Rolls-Royce en hun langdurige relatie met diverse zakelijke en militaire klanten in Nederland. GE levert bijvoorbeeld motoren voor de passagierstoestellen van de KLM, voor de KDC-10 tankvliegtuigen van de Koninklijke Nederlandse Luchtmacht en voor de Nederlandse Apache helikopters.
Rolls-Royce levert motoren voor de C-130H vliegtuigen van de luchtmacht en voor de NH-90 en Lynx helikopters van de Nederlandse marine. De Spey-motoren van Rolls-Royce worden gebruikt voor de aandrijving van de fregatten van de marine. Zowel GE als Rolls-Royce is erg actief in Nederland. Ze hebben er diverse vestigingen. GE biedt in Nederland werk aan meer dan 1.200 mensen, terwijl Rolls-Royce een Benelux-kantoor en een onderhoudscentrum voor scheepsmotoren in Rotterdam heeft.

In F136 motor bundeling van expertise

In het GE Rolls-Royce Fighter Engine team hebben twee toonaangevende producenten van vliegtuigmotoren hun krachten gebundeld om de F136 motor te ontwikkelen, de meest geavanceerde motor voor een jachtvliegtuig, die ooit ontwikkeld is. De F136 motor heeft een sterk verminderd aantal onderdelen en is veel beter bestand tegen extreem hogere temperaturen, waardoor de onderhoudskosten veel lager uitvallen.
De beide bedrijven hebben bovendien veel ervaring met de ontwikkeling van Performance-Based Logistics contracten voor het onderhoud van vliegtuigmotoren in de Verenigde Staten en andere landen. De deskundingen van het GE Rolls Royce Fighter Engine Team, die de mogelijke locatie voor het Final Assembly and Check Out Centrum; in Woensdrecht bezocht hebben, waren erg onder de indruk van de faciliteiten, plannen en expertise, die al beschikbaar zijn op het Logistics Center Woensdrecht of die daar de komende jaren ontwikkeld worden. Het Fighter Engine Team zou daar goed passen, omdat we een enorme kennis en ervaring hebben met het onderhoud van vliegtuigen en vliegtuigmoteren voor zowel de civiele als de militaire luchtvaart. Het Fighter Engine Team heeft bovendien al een behoorlijke industriële participatie in de regio, die bestaat uit engineering en geavanceerd productiewerk, zei Jean Lydon-Rodgers, president van het GE Rolls-Royce Fighter Engine Team.

Nederlandse betrokkenheid F136 motor essentieel

De F136 motor heeft een component, die wij gezien de belangrijke bijdrage van
de Nederlandse bedrijven DutchAero en Atkins Nedtech de “Dutch fancase”; noemen.
De F136 motor heeft enorme voordelen voor de luchtmacht, waaronder uitstekende eigenschappen wat betreft hoge temperaturen, zodat het toestel beter geschikt is voor extreme omstandigheden en verdere uitbreiding van de functionaliteit in de toekomst. Dankzij deze voordelen is de F136 een uitstekend alternatief voor JSF-klanten
”, bevestigt Mark Rhodes, senior vice-president van het GE Rolls-Royce Fighter Engine Team.

Achtergrond F136 motor en Fighter Engine Team : zie link website GE/RR FET

JSFNIEUWS090725-TS/jg

2 reacties op dit bericht...

Jul 25 2009

Pentagon Rapport: twee jaar vertraging JSF ontwikkeling

Williamsburg, VA (USA) – Het Joint Estimate Team van het Pentagon heeft in een intern rapport gemeld dat de ontwikkeling van de F-35 Joint Strike Fighter twee jaar achterloopt op de laatst bekende schema’s. De gegevens van het interne rapport zijn bevestigd door meerdere bronnen uit kringen van het Amerikaanse Congres die goed op de hoogte zijn van het rapport.

Het Joint Estimate Team (JET) is binnen het Pentagon samengesteld om op onafhankelijke wijze een evaluatie van het F-35 programma uit te voeren, en verschilt nogal van inzicht met de officials van het JSF Joint Program Office, waar de informatie voor ons ministerie van defensie en de Tweede Kamer vandaan komt. Het Joint Estimate Team is meer leveranciers onafhankelijk, maar wel een officiële militaire gerichte Pentagon bron. Een assistent van een Senaatslid hierover: “In every parameter and in every respect, the Joint Program Office’s projections were always a hell of a lot rosier than what the Joint Estimate Team found.

JET: Twee jaar vertraging; $7,4 miljard extra kosten

Het Joint Estimate Team heeft vastgesteld dat het onmogelijk is dat de ontwikkelingsfase in 2014 wordt afgerond en dat dit waarschijnlijk 2 jaar later wordt. Dit houdt in dat een zogeheten “full rate production” niet eerder dan in 2016 kan starten, mits er geen verdere technische problemen optreden. De vertraging zal circa US$ 7,4 miljard extra ontwikkelingsbudget vergen. Toen de Amerikaanse Rekenkamer hier in maart 2009 al voor waarschuwde was hier nauwelijks aandacht voor. Het Joint Estimate Team heeft uitgebreid onderzoek gedaan, inclusief talloze bezoeken aan toeleveranciers en betrokkenen. Zo stelde het Joint Estimate Team vast dat de vertraging wordt veroorzaakt door late ontwerpwijzigigingen met lastige gevolgen in de productiesfeer, alsmede door softwareproblemen. De officiële versie van het volgende rapport moet in oktober 2009 verschijnen.

Senator Bond: “Joint Strike Failure”

Terwijl de discussie rond de al dan niet voort te zetten productie van de F-22 Raptor in een eindstadium is gekomen, met als vrijwel zekere uitkomst dat de productie na 187 toestellen wordt stopgezet, richt de aandacht zich meer en meer op de F-35 Lightning II. Want, als de F-22 productie wordt stopgezet, is de F-35 het enige alternatief voor de US Air Force. In Senaatskringen is men daarom verontwaardigd dat de gegevens over de vertragingen bij de F-35 niet eerder bekend zijn gemaakt.
Republikeins senator Christopher Bond (R-Mo.), noemt het F-35 programma inmiddels de “Joint Strike Failure” en hekelde het feit dat zijn pogingen om de waarheid rond het programma boven tafel te krijgen totnutoe stuk liepen op onwil van het Pentagon, maar is bang dat het Pentagon al te diep in het project zit inmiddels: “They are wrapped so tight on that F-35, they bet too much on the F-35. It’s too big to fail. It’s like Citigroup.”

Lockheed Martin en JPO ontkennen vertraging

John R. Kent, de F-35 perswoordvoerder van Lockheed Martin ontkent de problemen en zegt dat ongeacht de bevindingen van het Joint Estimate team, er geen wijzigingen zijn in het officiële F-35 productieschema..
Cheryl Limrick, woordvoerster van het JSF Program Office, zegt dat: “de JET analyse is gebaseerd op resultaten uit het verleden van vorige generaties toestellen en houdt onvoldoende rekening met het pro-actieve karakter van het F-35 projectmanagement.

Zie ook:
Congressional Quarterly Politics; 23-jul-2009; Josh Rogin; “Report: F-35 work falls behind two more years
http://www.cqpolitics.com/wmspage.cfm?parm1=1&docID=news-000003175295

Sydney Morning Herald; 25-jul-2009; Anne Davies; “Pentagon fears delay for crucial jetfighter

JSFNIEUWS090724-GK/jg

Een reactie op dit bericht...