Archief van de mei, 2010

Mei 20 2010

Kamermeerderheid blokkeert JSF testtoestellen

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Aanschaf JSF

** UPDATE 23:50 uur **

Den Haag – Op donderdag 20 mei 2010 vond het laatste debat plaats van het momenteel zittende parlement over de Joint Strike Fighter. Bij dit debat werden een drietal moties ingediend die pleitten voor het niet verder aangaan van nieuwe verplichtingen, het uitstappen uit de testfase en het opnieuw uitvoeren van de kandidatenevaluatie vanwege de onbetrouwbaarheid van gebruikte schattingen in 2002 en 2008.

In de middag vond een regulier overleg plaats over het Jaarrapport 2009 van Project Vervanging F-16. In verband met de volle Kameragenda op deze laatste dag voor het zogeheten verkiezingsreces, met een krap tijdschema vanwege de jaarlijkse verantwoordingsdag, kreeg elke Kamerfractie maar een paar minuten spreektijd om zijn zegje te doen over de JSF. Veel nieuwe standpunten werden in het algemeen niet verwacht. Maar tijdens de bijdrage van PvdA Kamerlid mevrouw Eijsink bleek dat de PvdA, na de val van het Kabinet afgelopen niet langer gebonden aan het coalitieakkoord, uiterst kritisch stond tegenover de wijze waarop voldaan was aan de condities uit de motie-Hamer van april 2009 op grond waarvan een voorlopige toestemming was gegeven voor de koop van een eerste testtoestel. Vanwege het niet tijdig beschikbaar zijn van informatie over het geluid en een prijs, cq. prijsgarantie voor het tweede testtoestel en door het gebrek aan voortgang bij het testen, gaf dit PvdA kamerlid aan het niet verantwoord te vinden door te gaan met de testfase.
Mevrouw Eijsink zei hierover in de Kamer onder andere: “Gecombineerd met alle nieuwe feiten, te weten de negatieve ontwikkelingen het afgelopen jaar in de VS op het terrein van de doorontwikkeling, de proef- en testvluchten, het te gehanteerde tijdschema, de sterk stijgende kosten, de verwachtingen voor prijs en exploitatiekosten en daarmee uiteindelijk ook van de kwaliteit van de JSF, achten wij het op dit moment niet langer financieel verantwoord om te blijven participeren in de operationele testfase van de JSF en nieuwe verplichtingen aan te gaan voor de komst van de JSF, zolang we nog geen definitief besluit genomen hebben over de Opvolging van de F16.” en meldde aan het eind tevens dat “…de beide kandidatenvergelijkingen uit 2002 en 2008 blijken nu, in ieder geval wat betreft de JSF, op tal van punten gebaseerd te zijn op achterhaalde verwachtingscijfers. Mijn fractie acht het daarom onwenselijk dat deze vergelijkingen nog steeds als uitgangspunt gehanteerd worden voor het beleid inzake de Opvolging van de F16. Wij zullen op deze punten een uitspraak aan de Kamer voorleggen dan wel steunen.”

Deze onverwachte wending in dit overleg leidde tot stevige kritiek van de Minister en van de CDA, die opmerkte dat de “betrouwbaarheid in het geding was” en van de VVD, die wees op de effecten voor de industrie. In allerijl timmerde de luchtvaartindustrie, verenigd in de NIFARP, nog een persbericht in elkaar om de Kamerleden op te roepen af te zien van anti-JSF moties. Maar dit kon niet meer voorkomen dat een drietal moties werd ingediend en in stemming werden gebracht.

Minister van Defensie Middelkoop ontraadde de Kamer de moties aan te nemen. Met name had de minister bezwaar tegen de tweede motie op grond van het principieel staatsrechtelijke punt dat het Kabinet demissionair is en de motie zijns inziens tot onomkeerbare beslissingen zou leiden. Rond 21.25 uur volgde stemming over de moties, en werden alle drie moties met de stemmen van D66, GL, PvdA, PvdD, PVV en SP voor (totaal 79 zetels) aangenomen.

Eerste “Motie Van Velzen” inzake aangaan verdere verplichtingen

De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende, dat het gehele JSF-project in de VS op wettelijke grond op dit moment onder politieke curatele staat vanwege een grote overschrijding (met ruim 50%) van het vastgestelde projectbudget en dat er daarnaast sprake is van zeer verontrustend achterblijvende prestaties, grote opgelopen vertragingen bij de ontwikkeling van dit toestel en een sterke stijging van de te verwachten prijs en exploitatiekosten;
van oordeel, dat directe en indirecte investeringen voor een eventuele aanschaf t.z.t. van de JSF, terwijl de keuze voor de opvolging van de F16 nog niet gemaakt is, onder deze omstandigheden niet langer opportuun en financieel verantwoord zijn;
verzoekt de regering, vooruitlopend op een definitief besluit over de opvolging van de F16, per direct geen nieuwe verplichtingen meer aan te gaan voor directe en indirecte investeringen ten behoeve van een eventuele aanschaf t.z.t. van de JSF,
en gaat over tot de orde van de dag.
VAN VELZEN – EIJSINK - PETERS

Tweede “Motie Eijsink” inzake uitstappen uit testfase

De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende, dat de Kamer in april 2009 middels de motie Hamer c.s. (266488, nr. 178) voorwaardelijk heeft ingestemd met de investering in een eerste JSF-testtoestel (LRIP-3) gedurende 1 jaar;
van mening, dat aan de invulling van de drie criteria uit deze motie Hamer c.s. niet wordt voldaan;
tevens overwegende, dat het gehele JSF-project in de VS onder politieke curatele is gesteld, vanwege achterblijvende prestaties en sterk gestegen kosten, en dat de start van de operationele testfase vergeleken met vorig jaar opnieuw met twee jaar is uitgesteld;
van oordeel, dat verdere investeringen in de operationele testfase van de JSF, terwijl de keuze voor de opvolging van de F16 nog niet gemaakt is, onder deze omstandigheden niet langer financieel verantwoord zijn;
verzoekt de regering, onder de financiële condities die daarover vorig jaar met de Kamer gewisseld zijn, per directe ingang de investeringen in het 1e JSF-testtoestel terug te draaien en af te zien van de deelname aan de operationele testfase (IOT&E) van het JSF-project,
en gaat over tot de orde van de dag.
EIJSINK - VAN VELZEN - PETERS

Derde “Motie Peters” inzake kandidatenevaluatie

De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende, dat de diverse scenario’s uit zowel de Defensie Verkenningen als het brede heroverwegingsrapport “Internationale Veiligheid” nuttige elementen bevatten voor een komende heroverweging van de ambities van de Nederlandse krijgsmacht en daarmee ook van de luchtmacht;
van mening dat zo’n actualisering van deze ambities ten grondslag zou moeten liggen aan een toekomstig besluit over de keuze voor de opvolging van de F16;
overwegende, dat de beide kandidatenvergelijkingen voor de opvolging van de F16, uit 2002 respectievelijk 2008, voor wat betreft de JSF-kandidaat gebaseerd zijn op inmiddels gebleken achterhaalde informatie over totale omzetverwachtingen, prestaties, prijs en exploitatiekosten;
van oordeel, dat deze beide kandidatenvergelijkingen daardoor niet langer een goede basis vormen voor een nog te nemen besluit over de opvolging van de F16;
verzoekt de regering deze beide kandidatenvergelijkingen niet langer te hanteren als basis bij de oordeelsvorming over de opvolging van de F16,
en gaat over tot de orde van de dag.
PETERS - VAN VELZEN - EIJSINK

Persbericht NIFARP: werk op spel

Om de JSF belangen alsnog veilig te stellen deed de NIFARP vlak voor de indiening van de moties met spoed een persbericht uitgaan met de volgende inhoud en riep de partijen op de moties niet te steunen omdat het JSF-banen onnodig op het spel zou zetten. Het persbericht volledig:
“DEN HAAG – De partijen die willen dat Nederland nu uit de testfase van de JSF stapt, zetten daarmee honderden banen op de tocht en vernietigen volstrekt onnodig honderden miljoenen euro’s. Die waarschuwing geeft de Nederlandse vliegtuigindustrie als schot voor de boeg, horende de debatten die vandaag in de Tweede Kamer plaats vinden.
De vliegtuigindustrie die betrokken is bij de vervanging van de F16, verenigd in Nifarp, stelt dat een historische vergissing dreigt, nu de PvdA zich na het terugtrekken uit de regering bij de tegenstanders van de JSF lijkt te voegen. Uitstappen uit de testfase zal een dramatisch effect hebben op de betrokkenheid van Nederlandse bedrijven bij de ontwikkeling van de JSF en is daarmee een directe bedreiging van de honderden huidige en nog eens duizenden toekomstige banen, aldus Nifarp.
Het terugkomen op eerder gemaakte afspraken kan niet zonder gevolgen voor de deelnemers aan het JSF-programma blijven, stelt Nifarp. Nog vorig jaar is door de Kamer besloten om een eerste testtoestel aan te schaffen. De voorwaarden voor een tweede testtoestel zijn toen, juist onder aanvoering van de PvdA, helder neergezet. Daarop nu weer terug komen, maakt Nederland een uiterst onbetrouwbare en ongeloofwaardige partner in het programma. Die enorme draai zal niet zonder gevolgen voor opdrachten en werkgelegenheid blijven, dat moeten de betrokken politici zich goed realiseren, aldus Nifarp.
Ook in z’n algemeenheid zal de positie van Nederland en het Nederlandse bedrijfsleven als betrouwbare partner grote schade oplopen. Er is voor de industrie geen peil meer op te trekken, als eerder gemaakte afspraken met de politiek kennelijk van het ene op het andere moment geen waarde meer hebben.
De vliegtuigindustrie vraagt zich hardop af of de plotselinge draai van de PvdA wellicht is ingegeven door verkiezingsbelangen, zeker nu ook de minister heeft aangegeven dat de regering niet kan terug komen op de eerder gemaakte afspraak. Nifarp vindt het gevaarlijk dat partijen keiharde werkgelegenheid kennelijk in de waagschaal willen stellen voor hun eigen verkiezingscampagne. Nifarp doet een appel aan betrokken partijen om het vanavond in de Tweede Kamer niet zo ver te laten komen.
De extra kosten voor niet deelnemen aan de testfase bedragen voor de schatkist overigens 230 miljoen euro, afgezien van de 845 miljoen euro die geheel uitstappen volgens de Algemene Rekenkamer gaat kosten. Terwijl voor doorgaan met de testfase conform afspraak op dit moment geen enkele investering van de overheid nodig is
. “

JSFNIEUWS100520-JG/jg

4 reacties op dit bericht...

Mei 20 2010

Amerikaans Huis van Afgevaardigden blokkeert deel JSF budget

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Andere JSF landen

Williamsburg, VA (USA) – Het Armed Services Committee van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden heeft gisteren unaniem de defensiebegroting voor FY2011 goedgekeurd, inclusief een aantal aanvullende voorstellen.
De voorstellen hebben onder andere betrekking op de Joint Strike Fighter. Ten aanzien van de Joint Strike Fighter zijn er drie in het oog springende punten in het goedgekeurde begrotingsvoorstel, waaronder een blokkade van een deel van de verdere aankoopbudgetten tot er voldoende testvoortgang geboekt is.

Blokkade deel budget volgende productieserie

Het Armed Service Committee is duidelijk bezorgd over de voortgang van het JSF project en stelt daarom harde eisen aan het vrijgeven van budget voor de aanschaf van de volgende serie toestellen. De bedoeling was om in Fiscaal Jaar 2011 een serie (LRIP5) van 43 F-35 toestellen aan te schaffen. Dit zal nu worden beperkt tot slechts 30 en het budget voor meer toestellen wordt bevroren tot duidelijk gespecificeerde mijlpalen zijn bereikt. Hier de letterlijke tekst: ““The Committee is concerned that only five of the fourteen test aircraft planned for the F?35 program have been delivered, and only ten percent of the planned test flights last year were flown.
Congress has provided funding for a total of 58 production aircraft, and not a single production aircraft has yet to be delivered. The program recently experienced a Nunn McCurdy cost breach. The Committee acknowledges significant cost risks that can result from buying large quantities of the F?35 with only three percent of its flight testing complete. To address concerns over the serious delays and cost overruns in the F?35 program, the bill limits the obligation of funds beyond thirty aircraft until the Department certifies that specific program milestones and objectives currently in place for the F?35 program have been met.

De mijlpalen waarvan sprake is zijn onder meer, zo blijkt uit een toelichting in het Huis van Afgevaardigden:
- Alle prototypes moeten afgeleverd zijn
- De eerste LRIP1 productietoestellen moeten operationeel zijn
- De bijgestelde planning van testvluchten voor 2010 moet gehaald zijn
- Minimaal 3500 testpunten moeten afgewerkt zijn (momenteel minder dan 500 afgewerkt)
- De productielijn moet in orde zijn

Opnieuw budget voor alternatieve F136 motor

Vervolgens valt op dat opnieuw, tegen de zin van de Pentagon top en regering Obama, er budget wordt toegevoegd voor de ontwikkeling van een alternatieve motor, de GE Rolls Royce F136, als tegenhanger voor de Pratt & Whitney F135 motor. De tweede motor wordt gezien als de beste verzekering tegen een monopolie positie van een enkele motorfabrikant met het risico van een (latere) opwaartse prijsspiraal.

Het Armed Services Committee hierover:
The bill also authorizes F-35 competitive engine program, a necessary insurance policy on the trillion dollar Joint Strike Fighter program that will generate long term savings for taxpayers and also reduce the national security risk of depending on a single engine for ultimately 95 percent of our nation’s fighter fleet.
(…..)
The Committee continues support for the development of the F?35 competitive engine without a reduction to the budget request for aircraft, and it reaffirms its commitment to the alternate engine program as the best insurance policy against spiraling development costs and contractor responsiveness.
(…..)
The Committee remains steadfast in its belief that the competitive engine program is a critical component of the F?35. Multiple studies, ranging from GAO reports to the Department’s own internal study, have consistently shown that there is no additional cost to fund the competitive engine, and that the second engine will generate additional savings for taxpayers.
Additionally, competitive engine programs limited cost growth, improved performance, and increased readiness in the acquisition of the F?15, F?16, and F?14 engines. Competition has also historically resulted in better contractor responsiveness, technical innovation, and improved engine durability and reliability. Beyond the cost analysis, however, the Committee recognizes the significant risk posed to our national security by a single engine for the F?35.
The Joint Strike Fighter is expected to represent 95 percent of our nation’s fighter fleet. The engine will be required to meet demands that have been asked of no other engine. The Committee believes it is unwarranted to risk grounding our entire fleet and incurring billions of dollars in unnecessary costs by cutting the second engine—particularly when there may be no additional cost over the life of the program.
The Committee believes the alternate engine to be a critical insurance policy for more than one trillion taxpayer dollars and for our national security. The bill authorizes $485 million for the alternate engine program and requires the Secretary of Defense to submit to the President a budget that includes a plan for the funding, development, and procurement of the competitive engine for the F?35
.”

Aanschaf extra Super Hornets in plaats van F-35C’s

Tenslotte is het Armed Services Committee ernstig bezorgd over het tekort aan gevechtstoestellen vanwege de inmiddels ruim vier jaar vertraagde ontwikkeling en aflevering van de F-35. Om die reden wordt een nieuwe meerjaren aanschaf voorgesteld van totaal 124 F/A 18 Super Hornets (inclusief de Growler variant). Deze voortgezette aanschaf van Boeing Super Hornets houdt de productielijn daarvoor open tot 2014 en zal vrijwel zeker ten koste gaan van het totaal aan te schaffen F-35C’s (budget verschuift).
Het Huis van Afgevaardigden hierover:
However, the Committee is extremely concerned by the Navy and Marine Corps managing and accepting an unprecedented level of operational risk within their tactical air force structure while waiting for the completion of the F?35B and F?35C.
The Committee estimates that by FY 2017, the Navy and Marine Corps inventory could be at least 250 aircraft short of requirements—the equivalent of five carrier air wings. This is an unacceptable outcome, and the Committee will not support future budget requests that fail to address the factual realities of a naval strike fighter shortfall.
Barring a complete reversal of the development and performance failures in the Joint Strike Fighter program, the Committee expects future budget submissions to continue the production of F?18s to prevent our naval airpower from losing significance in our nation’s arsenal.
Because of the Navy’s inability to meet required reporting dates, the bill makes technical corrections to the multi?year authority provided in the FY10 NDAA and requires the Secretary of the Navy to use the savings garnered from the multi?year procurement contract for 124 aircraft, over the previously planned annual procurement contracts, to procure additional F/A?18E or F/A?18F aircraft up to the quantity that the savings would enable.

Bron:
US House Armed Services Committee; 19 mei 2010; H.R. 5136, National Defense Authorization Act FY2011

JSFNIEUWS100520-GK/jg

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mei 20 2010

Nieuwe prijsverhogingen F35’s uit serie LRIP2 en LRIP3

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Andere JSF landen

Fort Worth, TX (USA) – Het Amerikaanse Ministerie van Defensie maakte gisteren bekend dat het twee aanvullende contracten heeft getekend om tientallen miljoenen onverwachte extra kosten af te dekken voor de tweede en derde productieserie van de Joint Strike Fighter.

Zoals bekend worden de eerste aanloopseries in het JSF project ontwikkeld op basis van zogeheten “cost-plus-incentive-fee” contracten. In deze contractvorm is sprake van een niet vast afgesproken prijs, maar van een basisprijs met nacalculatie van tegenvallende kosten. Ook het voorlopige koopcontract voor het eerste testtoestel is hiervan sprake, dat betekent dat de prijs tot begin 2012 (definitieve levering) niet vast ligt.

Nacalculatie extra kosten productieserie LRIP2

Voor de tweede productieserie van 12 toestellen is het volgende aanvullende contract bekend gemaakt:
Lockheed Martin Corp., Lockheed Martin Aeronautics Co., Fort Worth, Texas, is being awarded an $85,499,548 modification to a previously awarded cost-plus-incentive / award-fee contract (N00019-07-C-0097) in support of the Joint Strike Fighter air system low-rate initial production (LRIP) Lot II.
This modification provides for the procurement of the additional special tooling and special test equipment required under LRIP II to meet the anticipated production ramp. Work will be performed in Ft. Worth, Texas (35 percent); El Segundo, Calif. (24 percent); Lancashire, United Kingdom (17 percent); Turin, Italy (4.5 percent); and at various continental U.S. locations (19.2 percent) and locations outside the continental U.S. (0.3 percent).
Work is expected to be completed in April 2012. Contract funds in the amount of $25,786,266 will expire at the end of the current fiscal year.

In de begroting van FY2010 gold een “fly away” kostprijs per stuk van een F-35A uit de LRIP2 serie van US$ 215 miljoen (€ 175 miljoen), deze stijgt met dit nieuwe contract naar US$ 222 miljoen (€ 180 miljoen). Maar verdere prijsverhogingen kunnen nog volgen. Duidelijk is ook dat werk voor de LRIP2 serie (waarvan de eerste al geleverd hadden moeten zijn, doorloopt tot in april 2012, pas daarna wordt de definitieve prijs duidelijk).

Nacalculatie extra kosten productieserie LRIP3

Voor de derde productieserie van 28 toestellen is het volgende aanvullende contract bekend gemaakt:
Lockheed Martin Corp., Lockheed Martin Aeronautics Co., Fort Worth, Texas, is being awarded a $58,000,000 modification to the previously awarded cost-plus-incentive-fee contract (N00019-08-C-0028) for technical services required to meet production ramp rates in support of the Joint Strike Fighter air system low-rate initial production Lot III aircraft.
Work will be performed in El Segundo, Calif. (55 percent); Lancashire, United Kingdom (18 percent); Fort Worth, Texas (12.6 percent); and various continental U.S. locations (13.5 percent) and locations outside the continental U.S. (0.9 percent).
Work is expected to be completed in January 2011. Contract funds will not expire at the end of the current fiscal year.

In de begroting van FY2010 gold een “fly away” kostprijs per stuk van een F-35A uit de LRIP3 serie van US$ 209 miljoen (€ 170 miljoen), deze stijgt met dit nieuwe contract naar minimaal US$ 211 miljoen (€ 171,5 miljoen). Maar verdere prijsverhogingen kunnen nog volgen. In ieder geval is minstens één ander aanvullend contract in voorbereiding. Tevens zullen mogelijk nog meerwerk contracten volgen van motorenfabrikant Pratt & Whitney. De kans dat de Amerikaanse defensie zelf tientallen miljoenen meer zal betalen dan een van de partnerlanden is nihil. Daarmee is tevens duidelijk dat een F-35A CTOL uit deze derde serie, waarin ook het eerste Nederlandse testtoestel valt, aanzienlijk meer – tientallen miljoenen meer zelfs- zal kosten dan de in november 2009 door het Ministerie van Defensie opgegeven stuksprijs van ruim € 99 miljoen. Uit het Jaarrapport PV F16 over 2009 is op te maken dat ook hier sprake is van een contract met nacalculatieclausule, ofwel een niet vaste prijs.

Bron: US Ministerie van Defensie, 19 mei 2010

JSFNIEUWS100520-KR/kr

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mei 18 2010

Status testvliegen JSF mei 2010

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Ontwikkeling JSF

Fort Worth, TX (USA) – Maandag 17 mei zijn de eerste twee F-35A toestellen vertrokken naar de vliegbasis Edwards voor uitvoering van het testprogramma van de luchtmachtversie. Tijd om een update te geven van de totale voortgang in het testvliegprogramma van de Joint Strike Fighter.

Realisatie testplanning

In de sinds 2008 geldende (inmiddels zesde) versie van de SDD fase (ontwikkelingsfase) wordt uitgegaan van 4991 testvluchten. Hier een overzicht van de testvluchten per fiscaal jaar (1 oktober tot 30 september) ten opzichte van deze planning uit 2008:
FY 2007: planning 27, realisatie 19
FY 2008: planning 97, realisatie 50
FY 2009: planning 317, realisatie 51
FY 2010: planning 1243, realisatie 90 vluchten tot heden
FY 2011: planning 1425
FY 2012: planning 1299
FY 2013: planning 593
Totaal planning 4991 vluchten, realisatie 210 vluchten (= 4% voltooid )
Totaal planning 11.000 vlieguren, realisatie 275 vlieguren (=2,5% voltooid).
Voor de goede orde vermelden we dat de testplanning nu wordt herzien en in de herziene planning voor 2010 is sprake van rond de 390 testvluchten. Maar ook dit zal nog een flinke klus worden om te halen. Bedoeling was in september 2008 nog om eind 2010 ruim 3.000 testvlieguren gehaald te hebben, met 275 gerealiseerde vlieguren op dit moment is hier een flinke achterstand zichtbaar.
Uit de beschikbaar komende gegevens van de laatste vier maanden blijkt dat met de luchtmachtversie F-35A CTOL in relatief korte tijd veel vluchten zijn gemaakt, zonder veel oponthoud. Dit is positief. Daarentegen lijken de problemen die er zijn zich met name te concentreren rond de veel complexere F-35B STOVL versie, bestemd voor gebruik door o.a. de US Marines. Hier zien we geregeld langdurige pauzes voor modificaties.

Prototype AA-1

Dit niet productie representatieve prototype vloog voor het eerst in december 2006 en werd in de herfst van 2009 na 91 vluchten uitgefaseerd. Het zal deze zomer gebruikt worden als “life firing” object. Tot nu toe is dit de enige F-35 die een keer supersoon heeft gevlogen, namelijk eind 2008, toen Mach 1.05 werd bereikt, de maximale snelheid waarmee de F-35 tot op heden heeft gevlogen.

Prototype AF-1 (Edwards AFB; 18 vluchten)

Prototype van de F-35A versie voor het testen van het airframe, bediening en de aerodynamica. Dit is het eerste productie representatieve prototype dat structureel gelijk moet zijn aan de door Nederland aan te schaffen F-35A, waarvan de eerste productietoestellen begin 2010 operationeel aan de US Air Force op Eglin AFB geleverd hadden moeten worden.
Langdurig was het de bedoeling dat het toestel begin 2009 zou vliegen. Uiteindelijk maakte het toestel de eerste vlucht op 14 november 2009. Na de derde vlucht op 19 november 2009 stond het toestel tot 20 april 2010 aan de grond vanwege aanvullende grondtests en modificaties. Vanaf 20 april 2010 werd intensief gevlogen, in een maand tijd werden 15 vluchten gemaakt, afgesloten met het vertrek naar Edwards AFB op 17 mei 2010.

Prototype AF-2 (Edwards AFB; 16 vluchten)

Prototype van de F-35A versie voor het testen van het airframe, bediening en de aerodynamica. Op 20 april 2010 maakte dit toestel de eerste vlucht. Inmiddels zijn 16 vluchten afgerond en vertrok het toestel op 17 mei 2010 in gezelschap van de AF-1 naar Edwards AFB voor verdere testen. Dit toestel is tot nu toe het meest succesvolle toestel in het programma en geeft een indicatie van de te verwachten positieve ontwikkelingen bij de meer recent afgebouwde prototypes.

Prototype AF-3 (productielijn)

Dit is een uiterst belangrijk toestel, de eerste F-35A met alle missiesystemen aan boord. Het testen hiervan is essentieel voor het tijdig voorbereiden van operationeel gebruik.
Eind 2008 was de verwachting nog dat dit toestel in mei of juni 2009 zou vliegen, maar er wordt nog steeds gewacht op de eerste vlucht.

Prototype AF-4 en AF-5 (productielijn)
Deze zijn nog steeds in afbouwfase. Zouden naar verwachting al eind 2009 vliegen, maar komen nu later in 2010 beschikbaar voor intensivering van het testprogramma.

Prototype BF-1 (NAS Patuxent River; 45 vluchten)

Het tweede prototype is een F-35B STOVL type, de BF-1. Deze vloog voor het eerst op 11 juni 2008, maar deze stond na 14 vluchten sinds september 2008 een jaar aan de grond.
Hover pit testing als voorbereiding voor verticale landen werd pas in september 2009 hervat, maar weer afgebroken vanwege problemen. In november 2009 vertrok het toestel naar NAS Patuxent River als voorbereiding voor de belangrijke mijlpaal: het uitvoeren van een verticale landing. Deze vond succesvol plaats op 18 maart 2010 tijdens de 42ste vlucht van dit toestel, 21 maanden later dan gepland. Daarna stond het toestel tot 5 mei 2010 aan de grond voor onderhoudswerkzaamheden. Ingewijden hier melden problemen met de aandrijving/clutch na de eerste verticale landing.

Prototype BF-2 (NAS Patuxent River; 26 vluchten)

Zou al eind 2008 vliegen. Maakte de eerste vlucht op 25 februari 2009, juist rond het bezoek van onze Tweede Kamer delegatie in Fort Worth. Stond daarna vijf maanden aan de grond vanwege op te lossen technische problemen tot 13 juli 2009. Hierna werden 9 vluchten gemaakt, alvorens vanaf 22 augustus een nieuwe hangarpauze in te gaan van twee maanden. Na de 11e en 12e vlucht, om uitgevoerde modificaties te testen, stond het toestel aan de grond tot 13 december 2009 om toen succesvol de 13e testvlucht af te ronden. Kort daarna werd het toestel overgevlogen naar Patuxent River. Tussen 24 februari en 29 april werd opnieuw een pauze ingelast voor modificaties. Inmiddels zijn 26 vluchten voltooid.

Prototype BF-3 (NAS Patuxent River; 13 vluchten)

Op 2 februari maakte dit derde F-35B prototype de eerste vlucht, bijna een jaar later dan de planning was in 2008. Aanvankelijk werden in hoog tempo een serie testvluchten afgewerkt, maar begin april 2010 kwam hier na de 13e vlucht een eind aan. Momenteel worden motortests uitgevoerd en verwacht wordt dat het vliegprogramma binnenkort hervat zal worden.

Prototype BF-4 (Fort Worth, 1 vlucht)

Op 7 april 2010 werd middels een uitgebreid persbericht melding gemaakt van de eerste succesvolle vlucht van een JSF met alle (allerlei) missiesystemen aan boord. Deze eerste F-35B met alle missiesystemen aan boord is essentieel voor het tijdig voorbereiden van operationeel gebruik. Het toestel is geladen met een (beperkte) softwareversie, Block 0.5.
Bij deze eerste vlucht is het gebleven, naar verluid vanwege een softwareprobleem in de aansturing van de centrale display in de cockpit. Er wordt nu gewerkt aan een software update, waarna een volgende vlucht zal kunnen plaats vinden. Teleurstellend voor het team dat na slechts een vlucht een dergelijk probleem naar boven kwam. Na een oponthoud van zes weken is de verwachting dat binnenkort de tweede vlucht zal plaats vinden.

Prototypes F-35C versie (productielijn)

Van de CF-1 t/m CF-3 zou volgens de planning van herfst 2008 de roll-out plaatsvinden tussen april en juni 2009. De eerste vlucht zou vervolgens plaatsvinden in oktober en november 2009. De roll-out ceremonie van de CF-1 vond plaats op 28 juli 2009, maar de eerste vlucht is nog telkens uitgesteld. Zo ver bekend zijn er (structurele) problemen met de vleugels ontdekt. Inmiddels zijn er berichten over een eerste vlucht van de CF-1 eind van het tweede kwartaal 2010 zal plaats vinden. De CF-2 en CF-3 zullen dan later in 2010 moeten volgen.

Uitstel operationele levering tot begin 2011

Vanwege de vertraging met het F-35A prototype, is ook de levering van de eerste productietoestellen uit de eerste aanloop productieserie (LRIP-1) vertraagd. Oorspronkelijk zou dit eind 2009 zijn, daarna werd langdurig vastgehouden aan een overdracht in februari 2010. Toen werd een nieuwe datum vastgesteld in augustus 2010. Inmiddels is onzeker of het nog in kalenderjaar 2010 zal lukken. Dit leidt tot vertraging in het opleidingsschema voor de eerste operationele vliegers (vlieginstructeurs) van de US Air Force en kan leiden tot verdere vertraging in het totale opleidingsschema in aanloop naar de IOT&E fase.
Terwijl twee prototypes van de F-35A nog geen veertig vluchten hebben gemaakt, een F-35A toestel met missiesystemen en Block 0.5 software nog nooit heeft gevlogen zijn er al acht F-35A productietoestellen (twee uit serie LRIP-1 en zes uit serie LRIP-2) vrijwel voltooid in de fabriek en zijn er 14 uit de LRIP-3 serie reeds in aanbouw. Wat we dan ook zien in Fort Worth is dat geregeld toestellen die nog nooit gevlogen hebben al weer gemodificeerd moeten worden aan de hand van nieuwe testresultaten. De verwachting is dat dit de komende tijd verder zal afnemen en dat meer en meer een strak productieproces kan ontstaan, zonder dat toestellen geparkeerd hoeven worden in afwachting van modificaties.

JSFNIEUWS100518-KR/kr

Een reactie op dit bericht...