Apr 28 2012
JSF: de straaljager die alles opeet binnen het Pentagon
Washington – De Amerikaanse defensie analist Winslow Wheeler waarschuwt deze week dat een herziening van de F-35 kostenbegroting, planning en prestaties — drie essentiële maatstaven voor elk Pentagon programma – aantoont dat de problemen in het JSF programma fundamenteel zijn en nog steeds toenemen. In zijn ogen verdient de Amerikaanse luchtmacht een beter toestel en de belastingbetaler een goedkopere. Een Nederlandse vertaling van zijn laatste publicatie “The Jet that ate the Pentagon”.
De Verenigde Staten doet een gigantische investering in de F-35 Joint Strike Fighter, door de voorstanders gerekend tot – volgens hun telling – de vijfde generatie gevechtstoestellen.
Beschouwd als bijna onzichtbaar voor de radar en in staat om elk toekomstig slagveld te overheersen, zal de F-35 de meeste gevechtstoestellen in de inventaris van de US Air Force, de US Navy en het US Marine Corps, alsook van minstens negen geallieerde landen moeten vervangen, en zal het deel uitmaken van deze strijdkrachten gedurende de komende 55 jaar.
Echter, het is geen geheim dat het JSF programma – het meest kostbare wapenprogramma in de Amerikaanse geschiedenis – een grote aaneenschakeling is van problemen.
Deze maand konden we lezen dat het Pentagon het prijskaartje van de F-35 opnieuw met US$ 289 miljoen verhoogd heeft – slechts de laatste verhoging in een lange, lange serie – en dat verwacht wordt dat het programma voor een verbijsterend aandeel van 38 procent beslag legt op het geld dat het Pentagon beschikbaar heeft voor materiaal aanschaffingen, er vanuit gaande dat de kosten niet verder zullen toenemen.
De vele problemen van het JSF programma worden erkend, dit blijkt wel omdat ze genoemd worden in de voorstellen voor Pentagon defensiebezuinigingen door leiders vanuit het hele politieke spectrum, inclusief afgevaardigde. Barney Frank (D-Mass.), senator. Tom Coburn (R-Okla.), President Barack Obama’s National Commission on Fiscal Responsibility and Reform, en budget goeroes zoals voormalig senator Pete Domenici (R-N.M.) en Alice Rivlin, voormalig directeur van het Congressional Budget Office and Office of Management and Budget.
Hoe slecht het er voor staat? Een herziening van de F-35 kostenbegroting, planning en prestaties — drie essentiële maatstaven voor elk Pentagon programma – toont aan dat de problemen fundamenteel zijn en nog steeds toenemen.
Allereerst: kostengroei
Allereerst, met betrekking tot de kosten – een factor die in het bijzonder van belang is bij een onder druk staand defensie budget – de F-35 is simpelweg onbetaalbaar.
Hoewel het toestel oorspronkelijk was bedoeld als een lage-kosten oplossing, hebben grote kosten stijgingen het project het afgelopen decennium geteisterd. Afgelopen jaar heeft de Pentagon top het Congress meegedeeld dat de aanschafprijs opnieuw 16% is toegenomen, namelijk van totaal US$ 328 miljard naar US$ 379 miljard voor 2457 aan te schaffen toestellen. Geen zorgen echter, ze beloofden opnieuw uiteindelijk de kostengroei onder controle te zullen krijgen.
Het resultaat? Dit jaar in februari, bleek het prijskaartje opnieuw 4% hoger te zijn, toenemend naar US$ 396 miljard en daarna nog verder nu in april. Verwacht nu niet dat de kostenstijgingen nu ten einde zijn: Het test programma is slechts 20 procent voltooid, zoals de Amerikaanse rekenkamer recent heeft gerapporteerd en de zwaarste testen moeten nog plaats vinden. Over het geheel genomen is de kostengroei in het project 75 procent ten opzichte van de oorspronkelijke ramingen uit 2001 ter grootte van US$ 226.5 miljard — en dat was voor een groter aantal van 2.866 toestellen.
Stuksprijs nu al gemiddeld US$ 161 miljoen
Honderden F-35’s zullen al gebouwd worden voor 2019, wanneer de initiële testfase eindelijk voltooid is. De aanvullende kosten om modificaties aan te brengen om de onvermijdelijk optredende tekortkomingen, die ontdekt zullen worden, te herstellen is onbekend, maar zal zeker de US$ 534 miljoen overschrijden die tot op heden al bekend is op basis van uitgevoerde testen.
De totale stuksprijs voor elke individuele F-35 bedraagt nu al US$161 miljoen, en dit is slechts een tijdelijke bovengrens. Verwacht nog meer stijgingen begin 2013, wanneer een nieuwe ronde van defensiebezuinigingen zoals goed als zeker het Pentagon zal treffen, en de F-35 nog meer treffers zal hebben te incasseren in de vorm van dalende aantallen die aangeschaft zullen worden. Dit zal leiden tot een stijging van de kosten per stuk van elke toestel.
F-35 twee keer zo duur in gebruik als een F-16
Een laatste opmerking over de uitgaven: De F-35 zal in werkelijkheid een veelvoud kosten van de genoemde US$ 396 miljard, die hiervoor werd genoemd. Dat is namelijk de huidige schatting van de aanschafkosten, niet de totale levensduur kosten om met het toestel te vliegen. Deze huidige aanname voor de gebruikskosten (van alleen de Amerikaanse toestellen) is US$ 1.100 miljard, waardoor alleen al voor de Verenigde Staten het JSF project uitkomt op US$ 1.500 miljard, meer dan het jaarlijkse Bruto Nationaal Product van een land als Spanje. En die schatting is dan nog ruimschoots optimistisch. Het gaat er vanuit dat de F-35 slechts 42% duurder in gebruik zal zijn dan een F-16, maar de F-35 is vele malen meer ingewikkeld. Het enige andere “vijfde generatie” toestel, de F-22, afkomstig van dezelfde fabrikant, is in sommige opzichten minder complex dan de F-35, maar kostte in 2010 driehonderd procent meer qua gebruikskosten per uur dan de F-16. Wilt u een conservatieve schatting te geven, ga er dan van uit dat de F-35 twee keer zo duur is in gebruik als de F-16.
Nu dus al onbetaalbaar, de F-35 prijs gaat verder slechts een kant op: omhoog
Volgende punt: levertijd met ruim 9 jaar overschreden
De F-35 is niet alleen duur – het toestel is ver achter op schema. Het eerste plan was om een eerste serie F-35’s gevechtsklaar beschikbaar te hebben in 2010. Daarna werd dit uitgesteld naar 2012. Maar recent nog hebben de diverse strijdkrachtonderdelen gezegd dat de datum voor opeationeel gebruik “nader vastgesteld moet worden”. Een nieuw doel is hierbij 2019, een jaar dat informeel is gesuggereerd in een recente hoorzitting voor een Senaatscommissie – bijna 10 jaar te laat.
Maar dan ook nog: prestaties vallen tegen
Indien de prestaties van de F-35 nu spectaculair zouden blijken te zijn, dan zou het de hoge kosten en het lange wachten waard zijn. Maar dat is niet zo. Al zou het gevechtstoestel voldoen aan de oorspronkelijke specificaties – en dat zal niet het geval zijn – dan nog zal het een grote teleurstelling blijken te zijn. De reden dat de JSF zo middelmatig zal uitpakken is tevens een verklaring voor het feit dat het toestel onbetaalbaar is geworden en nog jaren lang op zich zal laten wachten.
Uit gesprekken over de F-35 met luchtvaart- en materieelaankoop experts – sommigen van hen verantwoordelijk voor uiterst succesvolle toestellen zoals de F-16 en A-10, en anderen met tientallen jaren ervaring binnen het Pentagon, inclusief het volgen van de aanloopfase en vroege F-35 historie - leerde ik dat de F-35 problemen onlosmakelijk ingebakken zitten in het
hele DNA van de F-35.
Fout basisontwerp is onoplosbaar kernprobleem
Het ontwerp ontstond in de late jaren tachtig van de vorige eeuw bij het Defense Advanced Research Projects Agency (DARPA), het Pentagon agentschap dat een ongeëvenaarde reputatie heeft verworden voor bijzondere innovaties. Het ontwerp vloeide voort uit een voorstel voor een zogeheten “short takeoff and vertical-landing aircraft”, (afgekort als STOVL) dat supersonig zou moeten worden. Dit vergde een airframe ontwerp dat — tegelijkertijd – kort moest zijn, haast stomp, en eenmotorig (STOVL), en anderzijds slank, lang, en met veel reserve stuwkracht, zoals gebruikelijk bij toestellen met twee motoren.
President Bill Clinton’s Pentagon vergrote de problemen nog verder door aan het ontwerp – al een groot compromis – de eis te stellen dat het een multirole toestel moest zijn, zowel geschikt voor luchtverdediging alsook geschikt als bommenwerper. Dit vergde meer moeilijke afwegingen tussen wendbaarheid en gewicht, en een airframe geoptimaliseerd om zware lasten mee te torsen. Betrokkenen uit het Clinton-tijdperk brachten tevens “stealth” in als extra ontwerp eis, wat een speciale aerodynamische vormgeving vroeg en dure onderhouds-intensieve coatings om radarreflecties te reduceren. Zij voegden tevens twee interne wapenruimen toe, waardoor het permanente gewicht en de luchtweerstand vergroot werd. Bovendien maakten ze er een toestel van voor alle strijdmachtonderdelen, luchtmacht, marine en mariniers, wat nog meer uiteenlopende eisen meebracht wat tot nog meer compromissen leidde..
Volgende fout: overlap tussen ontwerpfase en productie
Tenslotte, eveneens gedurende de regering Clinton, verzonnen voorstanders van de JSF een aankoop strategie waarbij ontwikkeling en productie elkaar gingen overlappen.
Dat hield in dat honderden exemplaren van de F-35 zouden worden geproduceerd, en dat de uiteindelijke financiële en politieke toezeggingen zouden zijn gemaakt, nog voordat de test resultaten lieten zien wat er eigenlijk gekocht ging worden..
Dit groteske weinig goeds belovende plan heeft reeds geresulteerd in een grote hoeveelheid problemen – en nog 80 procent van de testvluchten moet nog uitgevoerd worden. Als een denkbeeldige vliegende piano, mist de F-35 de wendbaarheid van de F-16 in luchtverdedigingsmissies en de wapenlading en het vliegbereik van de F-15E Eagle in de aanvalsmissies, en kan het slechts in de verste verte vergeleken worden met de A-10 voor zogeheten close air support missies op lage hoogte voor ondersteuning van troepen die betrokken zijn bij een grondgevecht. Om het nog erger te maken, de F-35 zal niet in staat zijn vaak genoeg het luchtruim te kiezen om deze missies uit te voeren – of even belangrijk, de vliegers te trainen – omdat zijn complexiteit veel onderhoud nodig heeft waardoor de beschikbaarheid vermindert. Het toestel dat het meest op de F-35 lijkt, de F-22 Raptor was gedurende 2010 slechts in staat om 15 uur per maand te vliegen.
Stealth als eigenschap zwaar overdreven
De middelmatigheid van de F-35 is niet te compenseren met zijn “vijfde generatie” eigenschappen, waarvan “stealth” de meest belangrijke is. Ondanks wat velen geloven, “stealth” betekent niet: onzichtbaar voor radar. Het houdt alleen in “beperkte detectie door sommige typen radar onder bepaalde hoeken”. Anders gezegd, bepaalde radars, sommigen daarvan al redelijk lang bestaand, kunnen “stealth” toestellen op redelijk grote afstand waarnemen en zeker onder bepaalde hoeken. De ultieme tekortkoming van stealth werd gedemonstreerd tijdens de Kosovo oorlog van 1999, toen een bejaarde Sovjet radar met bijbehorende raketinstallatie in staat bleken één “stealth” F-117 bommenwerper neer te schieten en een andere zwaar te beschadigen.
De luchtmacht verdient een beter, de belastingbetaler een goedkoper toestel
Kortom: De F-35 is niet het wondertoestel dat de voorstanders er van maken. Het is qua prestaties een gigantische teleurstelling, en in sommige opzichten een stap achteruit.
De problemen van de JSF vormen integraal onderdeel van het ontwerp en kunnen slechts opgelost worden door opnieuw te beginnen met een schone lei.
Het wordt tijd voor minister van defensie Leon Panetta, voor de Amerikaanse strijdmacht onderdelen en het Congress de feiten onder ogen te zien.
Deze feiten zijn: de F-35 is een onbetaalbaar middelmatig toestel, en het programma kan niet vlot getrokken worden door welke combinatie van modificaties en kostenbeheersingsprojecten dan ook. Er is slecht één ding dat overblijft voor de F-35: trek de stekker er uit. De Amerikaanse strijdkrachten verdienen een veel beter toestel en de belastingbetalers verdienen een veel goedkopere. De vuilniscontainer wacht reeds……..
Over de auteur:
Winslow Wheeler is directeur van het Straus Military Reform Project bij het Center for Defense Information. Voordien werkte hij 31 jaar voor Republikeinse en Democratische senatoren op Capitol Hill en voor de Amerikaanse rekenkamer op het gebied van nationale veiligheid en defensie.
Over het artikel
Dit artikel werd oorspronkelijk gepubliceerd in de USA op de website Foreign Policy onder de titel “The Jet that ate the Pentagon“.
JSFNieuws vroeg en kreeg van de auteur toestemming om dit artikel over te nemen. Hier het volledige artikel, vertaald in het Nederlands door Johan Boeder te Kesteren.
Het is toegestaan het vertaalde artikel voor herpublicatie in andere media of tijdschriften te gebruiken, mits de bron vermeld wordt.