Archief van de maart, 2013

Mrt 30 2013

F-35A still at civil airport three weeks after emergency landing

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

The F-35A that diverted to Lubbock International Airport on March 11, 2013 when a warning light forced the pilot to land here instead of Nellis Air Force Base in Nevada, still remains at the airport.
Lockheed Martin officials told the press the jet tried to leave Lubbock and fly back to Ft. Worth last week, but experienced a problem with a communications channel of the flight control system and couldn’t leave.

It is quite unusual for a military jet to be down for more than two weeks at a civil (non-company0 airfield. The F-35A AF-23 is a production jet. Taking this long (nearly 3 weeks) to isolate the fault and repair it seems to be an indication that something more is wrong than a simpel “wire connector issue in the flight control system” (Lockheed Martin; March 19, 2013).

Conclusion: this F-35 incident is unusual.

Overview emergency landing F-35A AF-23

March 11, 2013
12:42 pm:
Two F-35A Lightning II aircraft took off from the Lockheed Martin F-35 production facility in Fort Worth at for a delivery flight to Nellis Air Force Base, Nevada. The F-35A AF-23 (10-5011/OT, callsign Strike 31) and F-35A AF-24 (10-5012/OT, callsign Strike 32) were accompanied by a F-16 chase plane (84-1234, callsign Strike 33).

01.40 pm:
One of the two F-35A fighter (AF-23, 10/5011/OT) makes an unscheduled landing after an IFE (In Flight Emergency) at the civil airfield Lubbock Preston Smith International Airport, Texas (300 miles after take-off from Lockheed Martin Fort Worth).
05:30 pm:
Airport executive director James Loomis said the plane remained on the airport’s runway.
06:10 pm:
Local press is told that a maintenance team from Lockheed Martin is being dispatched to the Lubbock International Airport to determine the cause of the incident and repair the jet for flight.

March 12, 2013; 12.15 am
In an attempt to keep hidden the real facts Lubbock Airport Executive Director James Loomis tells the pres, that the malfunction was fixed by the evening and the plane (AF-23) took off for Nevada again.
However, the F-35A remained at Lubbock, parked in a guarded hangar.
Why did James Loomis tell something different to the press?

March 19, 2013 (Las Vegas Review Journal)
About the F-35A emergency landing: “There was a wire connector issue in the flight control system, but the pilot was never in danger” Lockheed spokesman Michael Rein said: “We fixed it, powered up the airplane, and everything checked out”.”

March 20, 2013 (Las Vegas Review Journal)
“The plane had not arrived at Nellis late Tuesday.”

March 23, 2013 until March 25, 2013
JSFNieuws reports the F-35 is still at the airport. No any Lubbock Airport officials reachable. Other people of Lubbock Airport refused to give any comments. No answers to emails and calls.

March 29, 2013 (Local website report)
The F-35A still remains at Lubbock International Airport.
Everything Lubbock website reports: “A new problem for the F35 fighter jet that made an emergency landing in Lubbock two weeks ago. Lockheed Martin officials tell us the jet tried to leave Lubbock and fly back to Ft. Worth this week, but experienced a problem with a communications channel of the flight control system and couldn’t leave.”

JSFNieuws130330-JB/jb

4 reacties op dit bericht...

Mrt 29 2013

Brief minister aan kamer inzake Rapport Amerikaanse Rekenkamer

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

Op 27 maart 2013 heeft de minister van defensie J.A. Hennis-Plasschaert een brief aan de Tweede Kamer gestuurd inzake het jaarlijkse Rapport van de Amerikaanse Rekenkamer over de ontwikkeling van de Joint Strike Fighter F-35.

Uitstel Block 3 evaluatie (IOT&E) fase tot 2017 (of later)

Aandacht vraagt met name de volgende zin:
De operationele testfase voor naar Block-3 ge-upgrade toestellen is voorzien voor 2017. Het GAO wijst erop dat de start daarvan afhankelijk is van de voltooiing van de tests die nu worden uitgevoerd en de ontwikkeling van de Block-3 software die vanwege de complexiteit hoge risico’s kent. Ze houden dus ook nog een slag om de arm.” Pas met Block-3 kan een breder pakket wapens en sensoren wat meer volledig (nog niet helemaal volledig) worden gebruikt. Tot die tijd is dus een IOT&E fase maar van beperkte relevantie.

In de brief van februari 2013 (zie LINK) staat:
De operationele testfase is nu voorzien voor de periode van begin 2015 tot eind 2018, een periode van bijna vier jaar. Dat wil zeggen dat de operationele testfase niet alleen later aanvangt maar ook een langere periode zal beslaan dan oorspronkelijk gepland.”

De vraag is hoe zich dit verhoudt tot het pas in 2017 (met een slag om de arm!) beschikbaar komen van de Block 3 software. Dit is deels opgelost door de IOT&E te splitsen in 2 x 2 jaar (2 jaar voor Block 2 en 2 jaar voor Block 3) met daardoor dubbele IOT&E kosten. Het is - gelet op alle bezuinigingen - des te triester dat de twee F-35 toestellen, die al in 2012 en 2013 geleverd werden dus nog pakweg 3 jaar aan de grond moeten blijven (waarvoor we de Amerikanen - voor HUN vertraging - liefst circa US$ 1,5 miljoen per jaar “parkeergeld” verschuldigd zijn. Tevens zij opgemerkt dat in februari 2008 in de eerste Kamerbrief over de IOT&E fase sprake was van dat in 2011 begonnen zou worden. Het geeft weer welk schrijnend gebrek aan competentie aanwezig is in kringen van de DMO, vanuit hun tunnelvisie op het gehele project.

Hieronder volgt de volledige tekst:

Rapport Amerikaanse Rekenkamer

Het Amerikaanse Government Accountability Office (GAO) heeft recent de jaarlijkse voortgangsrapportage over het F-35 programma gepubliceerd, getiteld F-35 Joint Strike Fighter. Current Outlook is Improved, but Long-Term Affordability Is a Major Concern. Met deze brief reageer ik op het rapport en voldoe ik aan het verzoek van de vaste commissie voor Defensie van 14 maart jl. (kenmerk 2013Z05121/2013D10703).

Achtergrond

Het GAO, dat vergelijkbaar is met de Algemene Rekenkamer, publiceert jaarlijks een rapport over de voortgang van het F-35 programma. Het GAO was de afgelopen jaren kritisch over het F-35 programma en heeft aanbevelingen ter verbetering gedaan. Het GAO wees in eerdere rapporten onder meer op de risico’s die samenhangen met de overlap tussen het testprogramma en de productie van toestellen (de concurrency), de kostenontwikkeling en de softwareontwikkeling. Veel van de eerdere aanbevelingen van het GAO zijn door het Pentagon ter harte genomen en hebben geleid tot veranderingen in het F-35 programma.

De Verenigde Staten hebben in 2011 het F-35 programma geherstructureerd vanwege het doorbreken van de Nunn-McCurdy grens. In maart 2012 heeft het Pentagon deze herstructurering formeel bekrachtigd. Daarbij is een nieuwe planning en een nieuw budget voor de ontwikkel- en testfase vastgesteld en is extra personeel ingezet. Tegelijkertijd heeft het Amerikaanse ministerie van Defensie besloten om het aantal te produceren toestellen tijdens de ontwikkelingsfase te verminderen en te verschuiven naar de productiefase. De planning van de aanvang van de reguliere productie (full rate production) is toen vastgesteld voor het jaar 2019.

Samenvatting rapport

Het GAO-rapport is positief over de stabiliteit en voortgang in het programma. Het GAO is van mening dat het programma in de goede richting beweegt na een lang, kostbaar en moeizaam leerproces. Tevens wijst het rapport op risico’s van de betaalbaarheid van de F-35. Het rapport gaat in op drie aspecten:
• De resultaten van het programma in 2012;
• Resultaten in de productie en toelevering en veranderingen in het ontwerp van het toestel;
• Verwerving- en instandhoudingkosten.

Resultaten van het programma in 2012

In 2012 is voortgang geboekt met het F-35 programma. Zeven van de tien vooraf geformuleerde doelstellingen voor dat jaar zijn behaald. Een achtste doelstelling werd alsnog in januari jl. behaald. De doelstelling om in 2012 40 toestellen te leveren werd niet gehaald, er werden er 30 afgeleverd. Dat werd mede veroorzaakt door productievertragingen en een maandenlange staking. Ook de doelstelling dat Lockheed Martin in 2012 zou voldoen aan de eisen van het zogenoemde Earned Value Management System (EVMS), een hulpmiddel voor programmamanagement, werd niet gehaald. Hiervoor heeft Lockheed eind januari jl. een verbeterd plan ingediend bij het Amerikaanse ministerie van Defensie.

Het testprogramma maakte in 2012 goede voortgang. Er zijn achttien procent meer testvluchten uitgevoerd dan gepland, het aantal behaalde testpunten lag drie procent lager dan gepland voor dat jaar. Door bepaalde delen van latere tests eerder uit te voeren zijn uiteindelijk in totaal echter wel meer tests uitgevoerd dan voorzien. Het GAO besteedt in zijn rapport aandacht aan de technische risico’s die eerder in het testprogramma zijn benoemd en waaraan wordt gewerkt. Voor de problemen met de geavanceerde helm zijn oplossingen in ontwikkeling, terwijl daarnaast een tweede, minder geavanceerde, helm wordt ontwikkeld die eventueel als alternatief kan dienen. Daarover wordt later dit jaar besloten. Eerder gerapporteerde problemen in de ontwikkeling van het Autonomic Logistics Information System (ALIS) worden naar verwachting opgelost. Het systeem moet in 2015 operationeel zijn.

Op het gebied van softwaremanagement zijn eerdere aanbevelingen van het GAO door de fabrikant overgenomen en verbeteringen zijn volgens het GAO reeds merkbaar. Het GAO wijst er op dat de ontwikkeling van de software achter loopt op de planning. De meeste software is ontwikkeld, maar de integratie en tests daarvan moeten nog volgen. De integratie en het testen van de software, vooral die van de missiesystemen, is zeer uitdagend en risicovol en een groot deel daarvan moet nog worden uitgevoerd.

Over het totale testprogramma constateert het GAO eveneens dat het overgrote en meest complexe deel nog moet worden doorlopen. Eind 2012 was 34 procent van het totaal aantal geplande vluchten en testpunten voltooid. De operationele testfase voor naar block-3 ge-upgrade toestellen is voorzien voor 2017. Het GAO wijst erop dat de start daarvan afhankelijk is van de voltooiing van de tests die nu worden uitgevoerd en de ontwikkeling van de block-3 software die vanwege de complexiteit hoge risico’s kent.

Resultaten in de productie en toelevering en veranderingen in het ontwerp van het toestel
Het GAO is positief over de productie van toestellen. Het productieproces is verbeterd, waardoor minder manuren en productiedagen nodig zijn om toestellen te produceren en er minder vertraging is. In 2012 konden dertig toestellen worden geproduceerd, tegen negen in 2011. Door de verbeteringen nemen de productiekosten van toestellen volgens verwachting af. Het GAO constateert dat reeds geproduceerde toestellen wel voor aanzienlijke bedragen moeten worden gemodificeerd om bevindingen uit het testprogramma te verwerken (concurrency kosten). Voor de Amerikaanse toestellen leidt dit op dit moment tot gemiddeld $ 15,5 miljoen extra kosten per toestel. Over de hogere kosten voor de twee Nederlandse toestellen vanwege de concurrency is de Kamer geïnformeerd op 21 december 2012 (Kamerstuk 26 488, nr. 308). Verder constateert het GAO dat de betrouwbaarheid (uitgedrukt in het gemiddeld aantal uren tussen twee defecten) van het toestel moet worden verbeterd om te kunnen voldoen aan de eisen.

Verwerving- en instandhoudingkosten

Een belangrijk onderwerp in het GAO-rapport is de betaalbaarheid. Dit betreft allereerst het voor de Amerikaanse overheid benodigde budget om in grote aantallen F-35 toestellen te kunnen aanschaffen. Ter vervanging van diverse typen verouderde Amerikaanse jachtvliegtuigen door de F-35 is volgens het GAO tot 2037 jaarlijks $ 12,6 miljard nodig. Volgens het GAO zal het moeilijk zijn voor de Verenigde Staten om jaarlijks een dergelijk bedrag vrij te maken op de defensiebegroting. De defensiebudgetten blijven immers gelijk of ze dalen, en ook worden andere omvangrijke investeringsprojecten uitgevoerd. Het GAO wijst tevens op het risico dat het aantal te produceren toestellen uiteindelijk kan achterblijven bij de huidige prognoses, waardoor de gemiddelde toestelprijs waarschijnlijk zal toenemen. Dit illustreert het GAO met een voorbeeld waarbij de gemiddelde aanschafprijs van een toestel 6 procent toeneemt als 700 toestellen minder worden geproduceerd ten opzichte van de huidige ruim 3.100 toestellen voor de Verenigde Staten en partners samen.

Een tweede aspect van betaalbaarheid betreft de exploitatiekosten. Op het niveau waarop deze thans worden geraamd, zijn deze volgens zowel het Pentagon als het GAO niet betaalbaar. Op grond van de huidige aantallen, aannames en randvoorwaarden zal de jaarlijkse totale exploitatie van de verschillende Amerikaanse F-35-varianten zo’n 60 procent duurder zijn dan de exploitatiekosten van de huidige Amerikaanse jachtvliegtuigen. Het Pentagon onderzoekt welke maatregelen kunnen worden genomen om deze kosten te reduceren. Het rapport wijst er op dat de Amerikaanse krijgsmachtdelen moeten investeren in het langer blijven doorvliegen met hun huidige jachtvliegtuigen. Dit legt een extra beslag op de beschikbare budgetten voor de exploitatie van jachtvliegtuigen.

Samenvattend concludeert het GAO dat het F-35 programma in de goede richting beweegt na een langdurig, duur en moeizaam leerproces. Er blijven grote uitdagingen die nog moeten worden overwonnen en de betaalbaarheid blijft een belangrijk aandachtpunt. De recente aanpassingen in het programma hebben de uitzichten op succes verbeterd, zij het ten koste van verdere vertraging en hogere kosten. Het GAO heeft geen nieuwe aanbevelingen ter verdere verbetering omdat eerdere aanbevelingen zijn overgenomen en uitgevoerd. Het GAO concludeert dat het Pentagon en de fabrikanten nu moeten aantonen dat het programma op het gebied van kosten en planning voldoet. Tot dat moment, zo stelt het GAO, is het voor de Verenigde Staten en de internationale partners moeilijk te plannen, prioriteren en budgetteren voor de vervanging van oude toestellen. Het bereiken van betaalbare investerings- en exploitatiekosten voor de F-35 zal in hoge mate bepalen hoeveel F-35 toestellen uiteindelijk zullen worden aangeschaft.

Uit de bestuurlijke reactie blijkt dat het Pentagon het werk van het GAO en de erkenning van de opgevolgde aanbevelingen waardeert. De Amerikaanse bestuurlijke reactie gaat verder niet in op de observaties van het GAO.

Ten slotte

Het rapport van de GAO maakt duidelijk dat de herstructurering van het programma uit 2011 vruchten begint af te werpen. Het project wordt beheersbaarder uitgevoerd. Hoewel kostenoverschrijdingen of vertragingen niet uit te sluiten zijn, geeft dit meer vertrouwen in de voorspelbaarheid van de uitvoering en het tijdig onderkennen van risico’s. Op technisch gebied zijn er geen nieuwe problemen aan het licht gekomen. Wat betreft de softwareontwikkeling deelt Defensie de zienswijze van het GAO en het Pentagon dat er nog veel uitdagingen en risico’s zijn. Defensie deelt de bezorgdheid van het GAO en het Pentagon ten aanzien van de aanschaf- en exploitatiekosten. De kosten zijn bepalend voor de financiële inpasbaarheid. De inzet van generaal C. Bogdan, de directeur van het JSF Program Office om de betaalbaarheid van zowel de toestellen als de instandhouding te verzekeren, is dan ook te prijzen.

DE MINISTER VAN DEFENSIE
J.A. Hennis-Plasschaert

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 29 2013

Debat over vervanging F-16 uitgesteld

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

De Tweede Kamer heeft een debat over de vervanging van de F-16 uitgesteld. Er zal eerst tijd genomen worden om te kijken naar informatie over alternatieve mogelijkheden.
Zoals het dagblad Trouw bericht “Kamerleden maken tijd voor concurrenten van JSF“.
Maar zoals D66-kamerlid Wassila Hachchi zei tegen Trouw: “Ik ben erg blij met dit besluit om in de Kamer nog eens extra rond te kijken. Hennis belijdt met de mond dat ze niet met oogkleppen op voor de JSF zal kiezen, maar ik betwijfel dat“.

Zie volledige artikel in Trouw 29-mar-2013: “Kamerleden maken tijd voor concurrenten van JSF

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 29 2013

Dutch Parliament invites F-35 competitors

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

The planned debate in The Netherlands about the replacement of the Lockheed F-16 has been postponed.
Several members of the Dutch Parliament have invited the airscraft manufacturers that also participated in the initial bidding (Boeing and Saab) to give actual information about their fighter jets in some hearings next month. This was decided by a couple of opposition parties D66 (Progressive Liberals), SP (Socialist Party), PVV (right wing nationals) and government party Labour (PvdA).

Source (in Dutch): newspaper Trouw; 29-Mar-2013

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 29 2013

Dutch MOD: operating JSF too expensive at this moment

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

DutchNews reports:

The cost of using the JSF fighter jet in the long term is a ‘major concern’ and will be ‘unaffordable’ for the US military, defence minister Jeanine Hennis quotes a US audit office and Pentagon report as saying. ‘The current figures show the annual cost of running the JSF will be 60% higher than current US fighter jets,’ Hennis said in a briefing to parliament. The Netherlands has committed to buying two test planes and Hennis will take a final decision on replacing the Dutch armed forces’ F-16s with the JSF at the end of this year

See more at: DutchNews.nl - Running the JSF fighter jet currently ‘too expensive’ says minister

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 28 2013

Dutch MoD: running JSF too expensive at this moment

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

DutchNews.nl reports from The Netherlands:
The cost of using the JSF fighter jet in the long term is a ‘major concern’ and will be ‘unaffordable’ for the US military, defence minister Jeanine Hennis quotes a US audit office and Pentagon report as saying.
‘The current figures show the annual cost of running the JSF will be 60% higher than current US fighter jets,’ Hennis said in a briefing to parliament
.”

See more: DutchNews.nl “Running the JSF fighter jet currently ‘too expensive’ says minister

Referring to the same discussion in The Netherlands, Defense Aerospace reports about an interview with right winged VVD member of parliament Vuijk:
A consensus is nearing among Dutch political parties to buy no more than 36 F-35A fighters – and perhaps as few as 30 – to replace the Royal Netherlands Air Force’s remaining fleet of 68 F-16 fighters. ”
And:
The de facto agreement between coalition parties on the lower figure was revealed by Robald Vuijk, the right-wing VVD party’s defense spokesman, MP and member of Parliament’s Defence Committee, in a March 27 interview with the daily newspaper De Telegraaf. In the interview, Vuijk said that his party believes that only the F-35 suits Dutch requirements, and that a final decision is needed this year, as soon as possible. “We don’t want any further delays,” he said.”

See: Defense Aerospace “Dutch Consensus Building on Acquisition of 30-36 F-35 Fighters

Also see: Telegraaf (Dutch) “VVD kan leven met ruim 30 JSF’s

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 27 2013

Flashy F-35 Press Release Misses Landing

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

The Marines issued a flashy press release last week: “first operational F-35B conducts initial Vertical Landing.” It was an amateurish, somewhat slimy piece of hype.

In one important way, the press release contradicted itself, and in another it inadvertently revealed one of the many reasons why the Marines’ Short Take-Off and Vertical Landing (STOVL) version of the F-35 – that’s the F-35B — will never be the battlefield-based close-combat support bomber the Marines like to advertise it as.

The corps’ headquarters’ release repeatedly described the “operational” nature of “the first STOVL flight for an F-35B outside of the test environment.” It also characterized the event as “another milestone” toward “revolutionizing expeditionary Marines air-ground combat power,” that perhaps—the press released tried hard to imply—would be available for combat use as soon as “late 2013.”

The press release, which was formatted as if it were some sort of news article, inadvertently cued alert readers to the fact that this “first” “operational” “STOVL flight for an F-35B outside of the test environment” was flown by a test pilot.

His name is Maj. Richard Rusnok, as the press release says, and as a different Marine Corps press exercise reveals, he has been flying for 13 years. In the world of F-35-double-talk, it is apparently reasonable to announce flights as operational when they are flown by test pilots.

The term “operational” was stretched even further in a second respect in the press release, which featured the photograph above showing the F-35B landing vertically with its lift fan doors open and its flaps deflected. Note the area below the aircraft; note that same area in the later stages of a video at YouTube also released by the Marines’ PR team.

That light-colored portion of the airfield at Yuma looks different from the rest of the surrounding airfield area. That’s surely the special preparation the airfield surface needs to withstand the extremely hot, very high-velocity engine exhaust of the F-35B that impacts the landing area in a vertical landing.

Close observers of the F-35B have been paying attention to this matter. One of them is Bill Sweetman of Defense Technology International and Aviation Week. He wrote a highly informative news article (not a press release) on the matter in late 2011.

Based on Sweetman’s reporting, the Marines had a special pad installed at Yuma (and two other F-35B bases) to withstand the heat and blast of the F-35B vertical landing exhaust–to prevent spalling of standard runway concrete (or even more vulnerable asphalt).

The images the Marines let slip may be the special refractory (think “pizza oven”) concrete Sweetman describes as poured into slabs, or it may be a different type of pad he describes, also said to be at the F-35B facility at Naval Air Station Patuxent River, Md.: a specially constructed aluminum-alloy mat laid over concrete.

Now ponder the Marine press-release rhetoric about “revolutionizing expeditionary Marine air-ground combat power in all threat environments.” The Marines love to advertise that the STOVL F-35B will be able to operate from “unprepared, forward operational airbases” on or near the battlefield. Articles by skilled and experienced journalists like Bloomberg’s Tony Capaccio often describe the F-35B as able to “hover and land like a helicopter, according to the Pentagon” (note his caveat), and others describe “its ability to operate closely with the US Marines.”

As recently as Tuesday, Marine Corps Major General Kenneth McKenzie told reporters that the F-35B gives the Marines the “revolutionary” even “transformational capability” for the F-35B to operate out of so many multiple, distributed bases that they defy targeting.

The so-called “unprepared, forward” F-35B operating bases up close to Marines on battlefields is a fabrication without the construction of 100-foot square slabs of refractory concrete and/or layers of aluminum-alloy matting—the latter which the Air force has described as “heavy, cumbersome, slow to install, difficult to repair [with] very poor air-transportability characteristics.”

These requirements—well beyond what is required for either the Marines’ STOVL AV-8B or even their vertical take-off and landing (VTOL) V-22—mean “advanced high temperature concrete material>” (described in contract solicitations), specially transported and constructed to accommodate the F-35B’s extraordinarily finicky requirements for vertical landing operations.

Real-life facilities for F-35Bs employing the vertical landing capability will be very considerable bases, especially given the F-35’s other, immense logistical requirements beyond refractory concrete or aluminum-alloy pads.

In short, the vertical landing so touted by the Marines’ as a demonstration of the Corps “expeditionary” culture and “transformational capability” is more applicable to advertising for gullible denizens of Capitol Hill and for air shows—if, indeed, the host facility has a few thousand square feet of refractory concrete and lots of fencing to keep spectators well away from high velocity foreign objects catapulted by the F-35B’s vertical jet exhaust.

At best, the F-35s will be employing 3,000 to 4,000-foot takeoffs and landings at unique “STOVL-only” runways specially prepared by the Marine Corps—and by the F-35B’s gigantic logistical tail.

It is not even clear if these large facilities will even be appropriate for vertical landings and will, instead, accommodate just the medium-speed rolling landings the F-35B can also perform (and shown in the USMC PR video). Or, the F-35B will be restricted to the Marine Corps’ small aircraft carrier amphibious warfare ships, which also require various special requirements to handle the F-35B and its demanding operating characteristics.

The vertical landing capability of the F-35B also comes at considerable cost. According to DOD’s latest Selected Acquisition Report, the airframe and engine for the “B” are $27.8 million more expensive than the Air Force’s already far-too expensive “A” model. And thanks to the extra weight and bulk of STOVL propulsion, the F-35B has even less range, payload, and maneuverability than the Air Force’s unacceptably low-performing “A” version.

That’s not all, however. The Marine’s fastidious STOVL requirement was baked into the basic airframe design of all three F-35 models. As several aviation-technology experts explained to me, both the Air Force’s “A” and the Navy’s “C” versions lack the STOVL-specific lift fan and associated hardware, but they bear the burden of the extra weight and structure that had to be built into the basic airframe and engine to accommodate the STOVL version.

It doesn’t stop with just the extra weight—estimated by one to be at least 2,000 pounds. Thanks to the Marines’ STOVL requirement, both the Air Force and Navy versions had to be a single engine, short-coupled, stubby-winged design with all the unhappy compromises that implies for drag, acceleration, maneuverability, range and payload. And, there are other cost and performance compromises forced on the Air Force and Navy by the Marines, according to my sources: for example, some regrettable performance characteristics in the engine. Many (but far from all) of the fundamental flaws of the F-35 family of aircraft can be traced back to the Marines and their STOVL requirement.

The biggest blast of dubious rhetoric in the Marine Corps’ March 22 HQ press release comes close to the end. In the second to last paragraph, it states that the F-35B “is central to maintaining tactical aviation affordability and serving as good stewards of taxpayer dollars.”

Given its lower performance at higher cost—compared to the already unaffordable, underperforming F-35 alternatives—the F-35B would more accurately be characterized as the antithesis of affordability and good stewardship of taxpayer dollars. That that the F-35B has imposed even lower performance not just on itself but the Air Force and Navy makes it a killer aircraft, but unfortunately of our own.

Source: Project On Government Oversight; issued March 27, 2013

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 26 2013

First AIM120 separation with F-35B

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

US Navy test pilot Lt. Cdr. Michael Burks was at the controls of BF-3 for the first AIM-120 AMRAAM separation test from an F-35B. The flight originated from NAS Patuxent River, Maryland.

Source: Code One Magazine

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 25 2013

Contract for long lead items LRIP 8 four F-35As Japan

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

Lockheed Martin Corp., Lockheed Martin Aeronautics Co., Fort Worth, Texas, is being awarded a US$40.200.000 fixed-price-incentive (firm-target), advance-acquisition contract to provide long lead-time parts, materials and components required for the delivery of four Low Rate Initial Production Lot VIII F-35 Lightning II Joint Strike Fighter Conventional Takeoff and Landing aircraft for the government of Japan.

Work will be performed in Fort Worth, Texas, and is expected to be completed in February 2014. Foreign Military Sales contract funds in the amount of $40,200,000 are being obligated on this award, none of which will expire at the end of the current fiscal year. This contract was not competitively procured pursuant to the FAR 6.302-4. The Naval Air Systems Command, Patuxent River, Md., is the contracting authority (N00019-13-C-0014).

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Mrt 25 2013

US Navy backing away from troubled F-35 Joint Strike Fighter?

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl onder Global F35 News

The U.S. Navy is carefully backing away from the troubled F-35 Joint Strike Fighter program — and putting in place a backup plan in case the trillion-dollar, jack-of-all-trades stealth jet can’t recover from mounting technical and budgetary woes. So much for the F-35 being too big to fail.”

The US Navy’s Plan B is still taking shape. But its outlines are coming into view, thanks in large part to recent comments from its top officer.
It involves:
- Fewer F-35s
- More copies of the Boeing F/A-18E/F Super Hornet carrier-based fighter
- The twin-engine F/A-18E/F is already getting new weapons.
- Extra fuel tanks and some stealth treatments added to F/A-18E/F as well.

The US Navy has long been the least enthusiastic of the Joint Strike Fighter’s U.S. customers.

Read more: Wired; David Axe; 25-mar-2013; “If the Military’s Future Stealth Jet Fails, the Navy’s Got a Backup Plan

Nog geen reacties op dit bericht. Vragen of opmerkingen zijn welkom!

Volgende »