Jul 30 2008

STOVL-tests van de F136 motor voor de JSF succesvol afgerond

Gepubliceerd door JSFNieuws.nl om 19:36 onder Ontwikkeling JSF

Arnhem – Het GE Rolls-Royce Fighter Engine Team, dat werkt aan de ontwikkeling en productie van de F136 motor voor de JSF, heeft de testcyclus voor de STOVL-variant van de motor succesvol afgerond.

STOVL staat voor Short Take Off, Vertical Landing en deze motorvariant is bedoeld voor de JSF-toestellen die verticaal opstijgen en landen. Dit soort toestellen wordt door de Amerikaanse en Britse marine besteld; onder meer ter vervanging van de bekende Britse Harrier. Hoewel de Nederlandse Luchtmacht dit type toestel niet zelf gebruikt, is de succesvolle afronding van de tests weer een duidelijk signaal, dat de ontwikkeling van de tweede motor voor de JSF nog steeds op schema ligt en zonder technische problemen verloopt.

De F136 motor is de meest geavanceerde motor, die ooit voor een gevechtsvliegtuig ontwikkeld is. De motor kan ingezet worden voor alle drie de versies van de F-35 Lightning II (kortweg JSF), die door het Amerikaanse leger en wellicht ook door de acht partnerlanden besteld worden. De Nederlandse Luchtmacht overweegt de JSF aan te schaffen als vervanging voor de F16. Naast de STOVL-variant zijn er versies voor vliegdekschepen (CV ofwel Carrier Variant) en een normale uitvoering (CTOL ofwel Conventional Take Off and Landing), die ook door de Nederlandse luchtmacht gebruikt zal worden.

F136 motor goed alternatief

De testcyclus van de STOVL-variant hebben plaatsgevonden op de splinternieuwe testfaciliteit in Peebles (Ohio), dat speciaal voor het testprogramma van de F136 gebouwd is. Het testprogramma werd volledig conform planning afgerond. Voor de tests werden onderdelen en systemen gebruikt zoals die straks ook in de JSF gebouwd zullen worden. Het testprogramma had eveneens betrekking op het geavanceerde controlesysteem voor de STOVL-variant. De succesvolle afronding van de tests is een belangrijke mijlpaal in de ontwikkeling van de F136 als onderdeel van het System Development and Demonstration (SDD) contract, dat het Fighter Engine Team met de Amerikaanse regering gesloten heeft.
Voor eerdere tests werden F136 motoren gebruikt, die als onderdeel van het pre-SDD contract door het Fighter Engine Team ontwikkeld werden. De motoren zijn voor de laatste tests echter voorzien van de nieuw ontwikkelde fan, een nieuwe naverbrander en een controlesysteem, die tijdens het SDD-proces ontwikkeld zijn.

Succesvolle ontwikkeling

Deze succesvolle tests tonen de vastbeslotenheid van het Fighter Engine Team, om de motor binnen de daarvoor gestelde termijnen en binnen het overeengekomen budget te ontwikkelen. Er wordt hard gewerkt om de eerste motor, die gebouwd is volgens de productiespecificaties, binnen enkele maanden te leveren. Onze testfaciliteit in Peebles is uniek en stelt ons in staat om alle stappen in de ontwikkeling van de motor en alle configuraties uitvoerig te testen , zei Jean Lydon-Rodgers, president van het GE Rolls-Royce Fighter Engine Team. De F136 is van begin af aan ontworpen en ontwikkeld om te kunnen voldoen aan de hoge eisen, die aan de STOVL-variant van de F-35 Lightning II gesteld worden. We hebben tijdens de tests laten zien, dat onze geavanceerde technologie werkt en dat we daarmee zelfs kunnen voldoen aan de toekomstige eisen, die aan het toestel, de motor en de onderhoudsvriendelijkheid gesteld worden , zegt Mark Rhodes, senior vice-president van het Fighter Engine Team.

De pre-SDD motoren hebben in het totaal al meer dan 700 uur aan tests ondergaan, waardoor de kans op technische tegenvallers in het vervolg van het ontwikkelingstraject flink gereduceerd is. De tests werden uitgevoerd onder verschillende gesimuleerde vliegomstandigheden op grote hoogte, op zeeniveau, voor STOVL-missies en met gebruik van de naverbrander. Het Fighter Engine Team zal begin 2009 met het testen van de eerste productiemotor starten. De eerste vlucht van een F-35 Lightning II (ofwel JSF) uitgerust met een F136-motor zal plaatsvinden in 2010.

Leveranciers in het F136-project

Het GE Rolls-Royce Fighter Engine team is een joint venture van de twee toonaangevende producenten van vliegtuigmotoren. GE - Aviation, dat verantwoordelijk is voor 60 procent van het F136 programma, ontwikkelt de hoofdcompressor en de gekoppelde hogedruk/lagedruk componenten van het turbinesysteem, de controlesystemen en de naverbrander. Rolls-Royce, dat 40 procent van het F136-programma uitvoert, is verantwoordelijk voor de voorste fan, de combustor, de tweede en derde stage van de lagedrukturbine en de versnellingsbakken. Ook de internationale partnerlanden leveren een bijdrage aan de F136 door hun betrokkenheid in de ontwikkeling van de motor en de productie van componenten. In Nederland zijn Atkins Nedtech, DutchAero, het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (NLR), Sulzer-Eldim en de TU Delft bij de ontwikkeling van de F136 betrokken. Overigens hebben de Nederlandse industriële partners DutchAero en Atkins Nedtech Engineering een belangrijke bijdrage aan het ontwerp van de motor geleverd. De bijdrage van de beide Nederlandse bedrijven heeft vooral betrekking op de 1,4 meter brede fancase vooraan in de motor. Atkins Nedtech heeft met name gewerkt aan het ontwerp van de fancase, terwijl de componenten door DutchAero geproduceerd worden. In het F136 programma heeft het onderdeel dankzij de grote betrokkenheid van de beide bedrijven inmiddels de bijnaam Dutch fancase gekregen. Daarnaast heeft DutchAero de eerste set schoepenraderen (ofwel blisks ) voor de F136 motor gemaakt. De eerste, Nederlandse onderdelen voor de F136 zijn onlangs bij het FET afgeleverd en zullen in het eerste productie-exemplaar van de F136 motor gemonteerd worden.

Planning F136 motor

De succesvolle afronding van de Critical Design Review (CDR) dit jaar, waarmee aangetoond werd dat de motor precies dat kan doen waarvoor hij ontworpen is, was het voorlopige hoogtepunt voor het Fighter Engine Team. Het F136 programma verloopt nog steeds op schema en binnen budget. De financiering voor 2008 is door de Amerikaanse overheid veiliggesteld. Inmiddels is al meer dan 50 procent van het SDD-budget voor de motor toegekend. In het totaal heeft de Amerikaanse overheid al twee miljard dollar in het F136 programma geïnvesteerd.

Dankzij de twee pre-SDD testmotoren, die bij elkaar al meer dan 700 testuren hebben gedraaid, is het risico op tegenvallers in het verdere verloop van het programma beperkt. De tests bestonden uit diverse simulaties onder wisselende omstandigheden op zowel zeeniveau als op grote hoogte.
GE heeft daarvoor een nieuwe testaccommodatie voor de F136 geopend in Peebles (Ohio). Daarmee was een investering van vele miljoenen gemoeid. Andere testprogramma s zijn uitgevoerd op de locatie van GE in Evendale en in het US Air Force Arnold Engineering Development Center in Tennessee. In het totaal zijn zo n 800 ingenieurs en technici bij het F136 programma betrokken.

De SDD-fase loopt door tot 2013. De eerste in serie geproduceerde F136 motoren voor de JSF worden naar verwachting in 2012 geleverd. Die levering vindt plaats tijdens de vierde productiebatch van de F-35. Het Fighter Engine Team zal tijdens de SDD-fase in het totaal veertien motoren leveren, die meer dan 10.000 uren aan tests zullen ondergaan.
De F136 is met één enkele configuratie geschikt is voor alle drie de versies van de F35: de STOVL voor de Amerikaanse mariniers en de Britse marine, de CTOL voor de Amerikaanse en Nederlandse luchtmacht en de Carrier Variant (CV) voor de Amerikaanse marine.
Dankzij de toepassing van nieuwe technologie wordt verwacht dat de F136 de eisen voor onderhoudsvriendelijkheid, betaalbaarheid en betrouwbaarheid voor alle F-35 varianten overtreft, terwijl de motor bovendien de samenwerking van het Amerikaanse leger en zijn international partners in gezamenlijke missies zal verbeteren.

JSFNIEUWS-080730-TS/nb

Comments RSS

Reageer ook

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.